Etappe – 1 Amsterdam – Weesp

Wandelen door het historisch centrum van de stad Amsterdam, langs de Weespertrekvaart naar Driemond waar de drie stromen het Gein, de Gaasp en Smal Weesp bij elkaar komen. Verderop staat wipmolen ’t Haantje in Weesp, misschien wel het mooiste bouwwerk langs de route. De route start op de dam in Amsterdam.

Op de wandeling vanaf station naar de Dam kom je ook al heel veel mooie gebouwen tegen.

De cost gaet voor de baet uyt. Laat-18de-eeuws hoekpand, bijna geheel losstaand, met een omlopend schilddak en klossenlijst met consoles; in 1912/13 met een verdieping verhoogd. Staat bekend als “De cost gaet voor de baet uyt”. Het markante hoekpand in het natte Damrak was oorspronkelijk het Bierdragerskantoor.

Rechts de klok welke in de toren van de beurs van Berlage zit.

De Dam in Amsterdam waar het officiële startpunt is van de Floris de vijfde wandeltocht.

1e deel van de wandeling

De Joodse buurt.

De Jodenbuurt is de voormalige joodse wijk. De Jodenbuurt, ook wel Joodse Buurt of Wijk in Amsterdam was, vanaf de late 16e eeuw tot de periode van de Jodenvervolging tijdens de Tweede Wereldoorlog, een buurt waar veel Joden woonden. In 1593 vestigden zich uit Portugal en Spanje afkomstige, Sefardische Joden in de omgeving van de Amsterdamse Breedestraat en Vloonburg. In de loop van de 17e eeuw vestigden zich ook Asjkenazische Joden uit Centraal-, Oost-, en deels West-Europa in de wijk. In februari 1941 greep de Duitse bezetter een knokpartij, waarin een NSB’er dodelijk verwond was geraakt, aan om de Jodenhoek enige tijd af te sluiten. Met Judenviertel wordt hier bedoeld het gebied dat de Duitsers beschouwden als Joods woongebied, aanvankelijk de oude ‘Jodenhoek’, in Amsterdam de wijk rond het Waterlooplein Later werden ook de Transvaalbuurt en de Rivierenbuurt als Joodse wijken aangeduid (Judenviertel II en Judenviertel III).

De twee tekststenen zaten tot 1932 in de gevel van Weesperstraat 33, waar in 1751 de broederschap Mishenet Zequenim een tehuis stichtte voor behoeftige oude joodse mannen. In 1794 werd de broederschap eigenaar van het grotere pand aan de Nieuwe Herengracht 33, dat toen als tehuis in gebruik werd genomen. In 1932 zorgde het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap ervoor dat de twee stenen uit het, te slopen pand in de Weesperstraat ingemetseld werden op de Nieuwe Herengracht. In februari 1943 werden de bejaarde bewoners door de bezetter weggevoerd en kort daarna werden de teksten op de beide gevelstenen door weghakken onleesbaar gemaakt. Het oppervlak werd met een laag cement dichtgesmeerd.

De Blauwbrug

De naam Blauwbrug is afkomstig van de bijnaam van de oude bruggen die hier voor 1883 lagen, zij hadden blauwe leuningen. In de loop der jaren had de brug nog andere bijnamen. Koning Willem III der Nederlanden wilde de brug in 1839 ‘Sophiabrug’ noemen naar zijn vrouw Sophie van Württemberg. De bijnaam Leeuwenbrug geeft aan dat er vermoedelijk ooit leeuwenkoppen te zien waren aan de houten brugleuningen. ‘Bloubrik’ is de naam voor de brug in het Jiddisch. Hij vormde een toegang tot de vroegere Jodenbuurt.

Walter Suskindbrug

De brug kreeg in 1972 ook haar vernoeming naar Walter Süskind, die samen met Felix Halverstad, Lau Mazirel en Piet Meerburg Joden en Joodse kinderen tijdens het naziregime liet ontsnappen uit de Hollandsche Schouwburg en de crèche daartegenover.

Portugese Synagoge.

Portugese synagoge met daarvoor op het beeld van De Dokwerker op het Jonas Daniël Meijerplein. Symbool van de februari staking in 1941.

Holocaust namenmonument Nederland

Ruim 102.000 slachtoffers van de Holocaust hebben na meer dan  75 jaar na de Tweede Wereldoorlog een eigen monument gekregen. In Amsterdam is een monument verrezen met alle namen van de Nederlandse Holocaustslachtoffers die geen graf hebben. Alle namen van Joden, Sinti en Roma die vanuit Nederland zijn vervolgd en gedeporteerd, alsmede gedeporteerde Nederlandse Joden woonachtig in andere landen, die in naziconcentratie- en vernietigingskampen zijn vermoord, alsook zij die zijn omgekomen door honger of uitputting tijdens transporten en dodenmarsen en waar geen graf van bekend is 

De Hermitage.

Nederlands particulier kunstmuseum aan de Amstel in Amsterdam-Centrum Het museum is begonnen als een dependance van de Hermitage in Sint-Petersburg. Het museum is gevestigd in het gebouw de Amstelhof, gelegen aan de Amstel tussen de Nieuwe Herengracht en de Nieuwe Keizersgracht. Het is in 1681 in Hollands classicistische stijl ontworpen door stadstimmerman Hans Petersom. Het werd gebouwd als diaconaal verpleeghuis. Na ruim driehonderd jaar achtte de beheerder het gebouw niet langer geschikt voor verpleging 

Wandelend langs de Amstel kom je ook deze woonboten tegen.

Magere Brug.

De brug ligt over de Amstel en verbindt de Kerkstraat met de Nieuwe Kerkstraat. De eerste brug op deze plek is gebouwd in of vlak na 1691  en heette toen de Kerkstraatbrug. Deze had 13 doorvaarten, waarvan de buitenste in gebruik waren als opslag. In 1871 werd deze brug vanwege bouwvalligheid gesloopt en vervangen door een brug met negen doorvaarten, vergelijkbaar met de huidige brug. Vijftig jaar later was ook deze brug aan vervanging toe. Architect P.L. Kramer maakte daarom verschillende ontwerpen voor een brug van steen en staal, maar veelal basculebruggen. De Gemeenteraad besloot echter dat er een brug moest komen die zo veel mogelijk op de (toen) bestaande leek, en daarom werd de brug vanaf 1929 gesloopt. Voor voetgangers en fietsers werd een nog smallere noodbrug neergelegd. In 1934 was die nieuwe iets grotere/bredere brug gereed.

Theater Carré

Koninklijk Theater Carré is een theater in de Nederlandse stad Amsterdam en is gelegen aan de Amstel. Het heette oorspronkelijk Circus Carré en is gebouwd in de classicistische stijl. Het werd eind 19e eeuw opgericht door Oscar Carré.

Tegenover theater Carré liggen de Amstelsluizen. Dit sluizencomplex ligt tussen de Prinsengracht en de Singelgracht. De sluizen zijn aangelegd in de 17e eeuw en in de 19e ingrijpend gerenoveerd en aan de nieuwe eisen aangepast. Deze sluizen zijn aangelegd om de waterverversing van de getijrivier de Amstel en de Burgwallen te verbeteren. Boven op de eerste Amstelsluis heeft André van Duin een plaatsje gekregen. Tegenover zijn geliefde theater.

Via de Hogesluisbrug, een Amsterdamse monumentale dubbele basculebrug, welke  is versierd met sierstukken van gietijzer (met stadswapens), een natuurstenen vaasbalustrade, obelisken van natuursteen met gedecoreerde lantaarndragers en bijpassende lantaarns, gaan we richting Amstel hotel.

Deel 2 van de wandeling

Deel – 3 van de wandeling

Onder de Duivendrechtsebrug is een zeer creatief iemand bezig geweest.

We wandelen verder richting Diemen. Hier komen we eerst de kerk de Sint Petrus Banden tegen en iets verderop de Diemerbrug.

Deel – 4 van de wandeling.

Het is niet alleen steen wat we onderweg zien. We gaan nu toch wel het stedelijk gebied verlaten. O.a. te zien aan de natuur waarbij we wandelen door de Bijlmerweide.

We steken de Weespertrekvaart over via de Veeneikenbrug.

Zodra we deze brug zijn gepasseerd zie je dat het omringende land lager ligt dan het waterniveau in de rivieren!

Deel – 5 van de wandeling

De Gemeenschapsmolen aan de Gaasp bij Driemond is een poldermolen uit 1708. Hij werd gebouwd ten behoeve van de bemaling van de Gemeenschapspolder. De molen, die aanvankelijk uitgerust was met een scheprad, werd in 1892 vervijzeld.

Wandelend langs de Gaasp richting Driemond, daarna over de brug bij Driemond over de Gaasp richting de Weesperbrug over het Amsterdam – Rijnkanaal.

Deel 6 van de wandeling

Vrijstaande dubbele brugwachterswoning. Het pand ligt aan de dijk van het Merwedekanaal (nu Amsterdam-Rijnkanaal) en is bij de aanleg van het Merwedekanaal (1884-1893) gebouwd als dubbele dienstwoning voor de brugwachter (huisnr. 25) en een assistent-brugwachter (huisnr. 24). Het woningblok dateert uit ca. 1885 en is opgetrokken in neo-renaissancistische bouwtrant. De leilinden langs de voorgevel dragen bij aan het karakteristieke beeld.

’t Haantje.

’t Haantje is een voormalige korenmolen, gelegen aan de Stammerdijk langs Smal Weesp. Op de plaats waar nu ’t Haantje staat, stond sinds 1626 een wipmolen die de voormalige Kostverlorenpolder bemaalde. Omstreeks 1705 werd deze polder met een aantal andere polders samengevoegd tot de Gemeenschapspolder. In 1817 werd een sloopvergunning voor deze molen afgegeven en in 1820 werd op dezelfde plek een oliemolen met de naam De Haan gebouwd. Dit was een bestaande molen die in 1663 was gebouwd aan niet ver van het Rijksmuseum te Amsterdam. Hij werd gebouwd als slijp- en zaagmolen voor steen, maar vanaf 1716 werd het gebruikt als loodwitmolen. In 1820 is ’t Haantje naar Weesp verplaatst en in 1828 werd het verbouwd tot korenmolen

De kerk van de PKN, de kerktoren van de Grote of St. Laurenskerk in Weesp. En de lange Vechtbrug. Het startpunt van de volgende etappe.

Tot zover de eerste etappe. De totaal gelopen afstand van deze wandeling was 18,6 km.