Etappe – 2 Koewacht – Moerbeke

We beginnen de etappe in Koewacht en wandelen door de polder via het Groote Gat richting de Linie van Communicatie, langs de Moerspuische watergang, richting de grens met het Pereboomsgat. Vandaar gaat het verder door het Heidebos richting het eindpunt van deze etappe, Moerbeke.

We wandelen over de Fortdijk richting het Groote Gat. Deze dijk is de scheiding tussen het Oudland en het Nieuwland. Het land aan de oostzijde van deze dijk (nieuwe polder) ligt meer dan een meter hoger dan het landschap aan de westzijde (oude polder). Als gevolg van de militaire inundaties uit de Tachtigjarige Oorlog heeft dit landschap 200 jaar (tot 1790) onder invloed van eb en vloed gestaan, waardoor zich klei heeft afgezet. Het oude landschap heeft deze invloed niet ondergaan en is daarom onregelmatiger van vorm, is lager gelegen en bestaat uit zandgrond.

Het Groote Gat.

Het Groote Gat is een restant van de militaire inundatie in de strijd tegen de Fransen. Met het doorsteken van de dijk werden de polders rond Koewacht onder water gezet. Bij het herstel van de dijk ging men om het diepste deel va de stroomgeul heen, vandaar de bocht. Het diepste gedeelte is gebleven als kreek/ wiel.

Staats – Spaanse Linies

De Staats Spaanse Linies bestaan uit:

Linie van Communicatie.

De Linie van Communicatie tussen Hulst en Sas van Gent is een onderdeel van de Staats-Spaanse Linies welke verliep van Sas van Gent naar Hulst. Het was een Spaanse linie, die in 1636, dus na het Twaalfjarig Bestand, werd aangelegd ten zuiden van het Axelse Gat en welke ten doel had het Land van Hulst en het achterliggende Vlaamse land te beschermen tegen aanvallen die vanuit het Land van Axel door de Staatsgezinden werden uitgevoerd.

Fort St. Nicolaas.

Het Fort Sint-Nicolaas is een fort dat behoort tot de Linie van Communicatie tussen Hulst en Sas van Gent. Het werd in 1634 gebouwd door de Spaansgezinden en kwam in 1645 in Staats bezit.

Fort Sint Livinus

Het fort werd gebouwd omstreeks 1634 door de Spaansgezinden en kwam in 1645 in Staatse handen. Het is een vierhoekige redoute.

Moerspuische watergang

De Moerspuische Watergang is een waterloop gelegen tussen de dorpen Zuiddorpe en Koewacht. Het is een overblijfsel van een bredere waterloop, het Moerspui, die van Axel naar Gent liep, en waarover vooral veel turf werd vervoerd. Deze waterloop werd in 1767 afgedamd. Langs dit water lagen een aantal forten, waaronder het Fort Moerspui, het Fort Sint-Joseph en het Fort Sint-Jacob, aangelegd door de Spanjaarden in 1634, en omstreeks 1644 in handen van de Staatsen gevallen.

Fort Sint Jacob

Fort Sint-Jacob werd in 1634 aangelegd door de Spaansgezinden, om het achterland te beschermen tegen Staatse invallen vanuit het Land van Axel. In 1645 echter kwam het fort, evenals de gehele linie, in Staatse handen.

In de verte de watertoren van Axel

Fort Sint-Joseph

Voormalige warmwaterroterij.

We wandelen nog steeds door een gebied wat bekend staat om zijn vlasteelt.

Een van de eerste bewerkingen die uitgetrokken vlas moest ondergaan was roten. De vezel, die aan de buitenzijde van de stengel zit, moest worden losgeweekt. Door vocht en bij een bepaalde temperatuur werd de pectine, waardoor de vezel aan de stengel kleeft, door bacteriën ontbonden. Aanvankelijk gebeurde dat met het veld- of dauwroten, later met het roten in stilstaand water. Vanaf ongeveer 1910 kwam het veel snellere roten met warm water in zwang. Dit gebeurde in rootbekkens. Dat waren grote kamers van beton, voorzien van een zware metalen, soms gietijzeren deur, die opzij geschoven kon worden. De kamer werd waterdicht afgesloten en het vlas rechtopstaand in de rootkamer geplaatst. Om te gaan roten moest de temperatuur van het water ongeveer 30 graden zijn. Na drie tot vijf dagen was het rootproces gereed en was er een regelmatig en zuiver geroot vlas. Het water werd door een put afgevoerd, de deuren werden geopend en het vlas werd er weer uitgehaald. Die snellere methode kende wel een hoge prijs. Warmwaterroten vereiste namelijk een grote investering: het bouwen van een roterij met fabrieksschoorsteen, de aanschaf van een stoomketel en het bracht hoge stookkosten met zich mee. Bovendien zorgde de afvoer van het stinkende rootwater voor milieuproblemen en daarom werden de meeste warmwaterroterijen rond 1970 gesloten.

We wandelen verder over de Kloosterweg.

Ter-Haghen

Op de plek waar nu bovenstaande boerderij staat, werd rond 1230 het Cisterciënzer nonnenklooster “Ter-Haghen” gesticht. Het klooster heeft bijna vier eeuwen in hoge mate bijgedragen aan de ontginning, inpoldering en ontwikkeling van de omgeving Koewacht, Zuiddorpe en Axel. Het klooster is in 1574 verlaten en later afgebroken, nadat het door de Watergeuzen was geplunderd en verwoest. Via de link kunt u meer te weten komen over dit klooster.

We wandelen verder in het grensgebied rondom Koewacht.

Pereboomsgat.

De Pereboomsgatkreek is een uitloper van de Moerspeye (waarvan het restant nu nog Moerspuische watergang noemt) die via de Braakman( toen nog een zeearm) in verbinding stond met de Honte. In 1767 werd de Moerspuipolder bedijkt, maar het Pereboomsgat, dat niet volledig op “Staten bodem ” lag, bleef onaangeroerd. Daartoe diende men de dijk dwars door de kreek te bouwen.

Grenspaal 292.

Op de dijk van de Moerspuipolder is ongeveer in het midden GP292 geplaatst. Wat opvalt aan deze paal is de bijzondere schrijfwijze van het cijfer “2”.

We wandelen vanaf nu verder door België richting het Heidebos in Moerbeke.

Watergang van de Moebekepolder.

met prachtige oude wilgen.

Belgische kasseienweg.

Kruisstraat en omgeving

E34, ook bekend als de “Expresweg”.

Nadat we de E34 zijn gepasseerd wandelen we verder richting het Heidebos en het eindpunt van deze etappe.

Het Heidebos.

Ondanks de arme zandgronden werd het gebied reeds gedurende de vroege middeleeuwen ontgonnen door de abdijen en kloosters zoals o.a. Sint-Baafs. In de Tachtigjarige Oorlog lag dit gebied midden in de frontlijn, en de Spanjaarden groeven er een ganse reeks van primitieve forten, waarvan enkel nog Fort Francipani in het landschap kan worden herkend.  Fort Francipani was een fort dat behoorde tot de Linie van de Nieuwe Vaart, onderdeel van de Staats-Spaanse Linies. Aangelegd in 1644, bleef dit fort in Zuid-Nederlands bezit, ook nadat de Staatsen in 1645 Hulst hadden ingenomen, en ook een aantal Spaanse forten. Het was een vierkant fort, met zijden van 350 m en bastions op de hoeken.

Koewacht – Moerbeke. Een wandeling van 20,2 km door een gebied met een rijke historie.