Etappe – 11 Oosterscheldepad
We verkennen eerst nog het dorp Stavenisse zelf en wandelen daarna vanaf het dorp Stavenisse richting de Oosterschelde. We wandelen verder langs de Oosterschelde richting en via de Pluimpot Sint-Maartensdijk. Vanaf daar over een oude dijk waarop een lange Muraltmuur staat, naar Scherpenisse.
We verkennen eerst nog het voorstraatdorp Stavenisse.
Voorstraatdorpen zijn ontstaan van de 15e tot en met de 18e eeuw in de nieuwlandgebieden. Ze werden meestal reeds in het plan voor bedijking aangegeven. Alleen de grotere polders kregen een dorp. Dit dorpstype heeft als centraal element een brede hoofdstraat, ‘de voorstraat’. Deze
staat loodrecht op de zeedijk en verbindt de haven (kaai) met de kerk. De hoofdstraat is aan beide zijden bebouwd en evenwijdig eraan zijn enkele achterstraten aangelegd; dwarsstraten verbinden deze met de voorstraat. Een centrum ontbreekt veelal. Het voorstraatdorp is één van de oudste dorpstypen in de nieuwlandpolders. Het type heeft overwegend niet-agrarische bebouwing, omdat de boerderijen van meet af aan verspreid in de polder werden gebouwd.













Tijdens de watersnoodramp van 1953 werd Stavenisse op het eiland Tholen zwaar getroffen. Hier kwamen 156 mensen om het leven.





Het watersnoodramp monument dijkbraken en de begraafplaats Slachtoffers Watersnoodramp



Twee van de negentien geschenkwoningen die Noorwegen schonk na de Watersnoodramp van 1953.
Hervormde kerk Stavenisse.




In 1910-1911 werd een nieuwe kerk gebouwd. Enkel de kerktoren en het koor met de graftombe uit 1669 bleven behouden. Opvallend zijn de geglazuurde groene tegels.





Stroomgat.



Op de plekken waar vroeger de stroomgaten waren, staan paaltjes van basalt op de nieuwe dijken. Vanaf daar kun je zowel uitkijken op het land als op het water. Op deze paaltjes staat niet alleen waar het stroomgat vroeger was, maar ook wanneer deze is gerepareerd.
Het was een bewolkte dag tijdens de wandeling terwijl ze zon zich soms liet zien.













De slikken ter hoogte van gemaal de Noord.







Strandje bij Gorishoek en de Pluimpot.





Tholen was vroeger een reeks van losse eilandjes met daartussen kleine én grote geulen. De Pluimpot is het laatste spoor van de geul die het eiland Tholen tot 1556 in tweeën sneed. De geul werd in 1566 ten noorden van Scherpenisse afgedamd met een dam van 75 m en ten oosten van Sint Annaland met een dam van 60 m lang. Beiden zijn inmiddels niet meer waterkerend. In 1957, naar aanleiding van de watersnoodramp in 1953, werd ten zuiden van Sint Maartensdijk in het
kader van de deltawerken nog een dam in de Pluimpot aangelegd; de Tweede Pluimpotdam.
Sint Maartensdijk (Smerdiek)








Voordat er sprake was van Sint-Maartensdijk was de plaats bekend als Haestinge, gelegen aan de rivier de Haastee. Sint-Maartensdijk kreeg in 1485 stadsrechten maar had géén zitting in de Staten van Zeeland, reden waarom het een smalstad werd genoemd. Sint-Maartensdijk was in de middeleeuwen een bloeiend dorpje. In 1434 huwde Frank van Borssele er met de Hollandse gravin Jacoba van Beieren. Hun kasteel (van Sint-Maartensdijk) stond aan de noordzijde van het stadje. Door vererving kwam dit in het bezit van de Oranjes. Het werd in 1819 afgebroken. Sint-Maartensdijk is bekend door de band met de Oranjes. De koning is tevens Heer van Sint-Maartensdijk.
Maartenskerk met pastorie




Oude stadhuis.



Sint-Maartensdijk heeft vermoedelijk in 1485 stadsrechten gekregen. De stad had toen nog geen stadhuis en werd daarom eerst vanuit het nabijgelegen kasteel bestuurd. De oudst bewaarde stadsrekening van 1586 vermeldt het stadhuis van Sint-Maartensdijk voor het eerst. In 1628 is het destijds vervallen stadhuis van Sint-Maartensdijk verbouwd en uitgebreid. Prins Frederik Hendrik heeft daar een grote financiële bijdrage aan geleverd. Het vervallen stadhuis is toen voorzien van een nieuwe voorgevel met daarin een verwijzing naar de bijdrage van Frederik Hendrik.



Stadswapens van de dorpen op het eiland Tholen. Ook van een aantal verdronken dorpen.
We verlaten Smerdiek en wandelen verder richting Scherpenisse.








Stavenisse – Scherpenisse. Ten gevolge van een aantal afsluitingen tijdens deze wandeling is de gelopen afstand 20.5 km geworden i.p.v. 14.5 km.

