Pelgrimspad deel – 1; etappe – 8

We wandelen verder door de Alblasserwaard. Deze etappe beginnen we bij het station Hardinxveld-Blauwe Zoom en wandelen naar Gorinchem. Deze etappe laat zich vooral kenmerken door de vele knotwilgen en het water onderweg. We wandelen daarbij veel over tiendwegen. Een tiendweg is een op een veenkade aangelegde weg. Het gebied dat nu de Alblasserwaard heet is rond de 11e eeuw in ontginning gebracht. Pioniers kregen van de Bisschop uit Utrecht of de in Dordt verblijvende graaf een stuk land in gebruik. Ze moesten dat ontdoen van struiken en bomen en zorgden voor een goede waterafvoer. Zo ontstonden er kleine poldertjes, rondom omgeven door sloten. Daar gingen ze graag op telen. Maar door de afvoer van water begon de bodem te dalen. Door deze inklinking van het veen kon er rond de 15e eeuw geen graan meer worden geteeld. Het land werd te nat. Daarom gingen de boeren in die tijd langzamerhand over in veeteelt.
Dat ging eeuwen achtereen goed. Het maakte de streek welvarend met het karnen van boter en het maken van kaas. Veel daarvan werd geleverd aan de in Dordrecht aanmerende zeeschepen, die voor langere tijd het ruime zeesop kozen. Met regelmaat hadden de boeren te maken met rampen, zoals wateroverlast, muizenplagen, veeziekten en meer. Het boerenbestaan sudderde zo voort tot half de 19e eeuw.

We wandelen vanaf het station naar de plek waar we de route verder oppakken, langs de Betuwe spoorlijn.

De Giessendamse tiendweg in een slagenlandschap

Bij het ontginnen van dit veengebied werd een afwateringssysteem ontwikkeld waarbij via een stelsel van sloten, weteringen en veenriviertjes het water werd afgevoerd naar de randen van de waard waar het water op de rivieren werd geloosd. Door de ontginning, het inklinken van de veenbodem en de hoger wordende waterstanden in de rivieren stopte het systeem van natuurlijke afwatering. Hulpmiddelen werden nodig om het water af te voeren. Dit leidde tot een systeem van kades, dijken, boezemwateren, molens, sluizen en gemalen.

Trijntje

Trijntje is de naam die gegeven werd aan het oudste menselijke skelet dat in Nederland is aangetroffen (7000-7500 jaar oud). Het skelet werden in 1997 aangetroffen tijdens archeologische opgravingen op de locatie Polderweg in Hardinxveld-Giessendam, voorafgaand aan de aanleg van de Betuweroute. De vrouw kreeg de naam Trijntje als verwijzing naar de treinen die op de vindplaats rijden.

De vele knotwilgen welke langs de tiendweg staan, moeten ook worden geknot. Een Knotwilg die enkele jaren na te zijn geplant, wordt op circa 1,5-2 m hoogte afgezaagd. Daarna wordt de boom iedere drie tot zes jaar geknot door de nieuw uitgelopen takken weg te nemen. De verdikking aan de basis van de uitlopers vormt de knot waaraan de knotwilg zijn naam dankt. Wilgen gedijen het beste in een waterrijke omgeving, vandaar dat ze het goed doen aan de waterkant.

Tiendwegse molen

Deze molen was in gebruik voor het bemalen van het onderdeel Binnentiendweg van de polder Giessen Oude Benedenpolder in Giessendam en daarmee feitelijk een onderbemaling. Verder was deze molen tevens baak- of seinmolen voor het waterschap de Nederwaard. Op 8 december 1906 brandde de oorspronkelijke wipmolen als gevolg van een schoorsteenbrand af. De afgebrande molen werd door een, waarschijnlijk gebouwd rond 1630, overbodig geraakte molen uit Noordeloos vervangen.

Jachthut en lokganzen

Ganzen mogen in Nederland onder strikte voorwaarden worden geschoten, voornamelijk ter voorkoming van landbouwschade en het beheersen van populaties. Dit is geen vrije jacht, maar valt onder faunabeheer en schadebestrijding, waarvoor provincies ontheffingen of vrijstellingen verlenen. De regelgeving verschilt per soort, regio en periode.

In een gebied waar veel water is , zijn er ook ijsclubs. Ook hier zijn er voorwaarden aan verbonden…

We wandelen verder via Neder-Hardinxveld, langs de rivier “De Giessen”.

Monumentale boerderij uit het jaar 1600.

Monumentale boerderij uit het jaar 1680.

Museum De Koperen Knop.

Museum De Koperen Knop is gevestigd in een vroeg 17de-eeuwse boerderij van het hallenhuistype. De boerderij is een kort na de tachtigjarige oorlog gebouwde grote boerenhofstee.

Twee boerderijen, beiden gebouwd rond 1780.

Voor het geval we vergeten zijn welk wandelpad we aan het wandelen zijn, deze herinnering…

Spoorhuis 68 hoorde vroeger bij de treinhalte Buldersteeg.

Het station opende op 16 juli 1885 als stopplaats Buldersteeg. Het werd hernoemd naar Boven Hardinxveld op 15 mei 1927. Op 15 mei 1934 werd de stopplaats gesloten.

We passeren de snelweg A15,

en het Kanaal van Steenenhoek via de Huibjesbrug,

en wandelen verder richting Boven-Hardinxveld en verder richting de Dordtse Avelingen.

Het buitendijks gelegen gebied (griend) is een getijdegebied waardoor het bij hoog water in de rivier de Merwede gedeeltelijk onder water kan komen te staan. Een griend is een vochtig stuk land, vaak buitendijks gelegen aan een rivier. Het wordt gebruikt voor het telen van hakhout, meestal wilg. Grienden werden tot ca 1960 op grote schaal geëxploiteerd, daarna nam de vraag naar griendhout sterk af zodat veel grienden niet meer werden onderhouden

Vanaf de Boven-Merwede, Avelingerdiep en het Schelluinse Gat wandelen we verder richting de Schelluinse brug en verder richting het eindpunt van de wandeling, Gorinchem.

Gorinchem

Stadhuis Gorinchem

Station Gorinchem

Hardinxveld-Giessendam – Gorinchem. Een wandeling van 19,3 km.