Streek GR Kempen etappe – 5
We verlaten Rijkevorsel met nog een blik op de kerktoren.

Tijdens de bevrijdingsgevechten in 1944 werd de oude Sint-Willibrorduskerk door vlammen vernield. Van de oude kerk bleef een gevelfragment met steunbeer bewaard. Dat werd heropgebouwd op de parking aan de noordzijde van de nieuwe kerk. Op 28 maart 1956 werd het gevelfragment geklasseerd. De kerktoren die eveneens tijdens de bevrijdingsgevechten uitbrandde, werd gerestaureerd. Het torengebouw werd in het begin van de 16de eeuw gebouwd tegen een oude kerk die er reeds stond.

De wandeling gaat verder door de bossen richting Wortel – Kolonie.



Wortel-Kolonie was eerst een vrije landbouwkolonie. Arme gezinnen woonden er in aparte boerderijtjes met een eigen stuk land dat ze moesten bewerken. Dat was niet eenvoudig voor mensen zonder ervaring. De grond was weinig vruchtbaar en er golden strenge regels.
In 1870 koopt de staat België Wortel-Kolonie aan. Het wordt een onvrije ‘weldadigheidslandbouwkolonie’. Mannelijke landlopers en bedelaars worden er opgevangen en werken onder bewaking op het land en in werkhuizen. De landlopersboerderij stamt uit die tijd.
Sinds 1993 zijn er geen landlopers meer in Wortel-Kolonie. Het zijn nu landbouwers die de gronden in de Kolonie bewerken.
Als je meer wil weten over Wortel-Kolonie en andere Koloniën van Weldadigheid, klik dan hier.

Sint-Jan Baptist kerk

In 1155 werd voor het eerst melding gemaakt van een kerkje te Wortel, waarvan het patronaatsrecht toen aan het Onze-Lieve-Vrouwekapittel te Antwerpen. Omstreeks 1425 begon men met de bouw van een gotische kerk. In 1429 kwam de toren gereed, welke ook een militaire functie had. In 1460-1461 werd het oude kerkje afgebroken en werd een nieuwe kerk gebouwd die mogelijk omstreeks 1530 was voltooid.
Tijdens de godsdiensttwisten werd de kerk, vermoedelijk in 1583, verwoest. Het koor werd enigszins hersteld en als noodkerk voor de sterk afgenomen bevolking gebruikt. Ook in 1603, tijdens gevechten tussen Spaanse en Staatse troepen, werd de kerk waarschijnlijk beschadigd. Tijdens het Twaalfjarig Bestand, tussen 1609 en 1621, werd het herstel voltooid.
In 1765 verwierf de kerk een relikwie van Johannes de Doper.
In 1944 leed de kerk zware schade. Deze werd na de oorlog hersteld.





Gedenkteken voor de bemanning van Halifax II HR833 TL-F 35 Sqn

In de nacht van 29 op 30 mei 1943 vertrok Halifax II HR833 TL-F van 35 Squadron RAF van RAF Graveley voor een bombardementsopdracht naar Wuppertal in Duitsland. 35 Squadron behoorde tot de eerste Pathfinder squadrons van Bomber Command en HR833 bevond zich dus in de voorhoede van de bommenwerpers op weg naar deze industriestad in Noordrijn-Westfalen.
Ze zouden het doelwit echter niet bereiken. Op weg naar het doelwit werden ze bij Antwerpen geraakt door de Duitse flak en er ontstond een brand aan boord van het vliegtuig. De bommenwerper ontplofte kort na middernacht boven Hoogstraten. Vijf van de zeven bemanningsleden kwamen om het leven; twee werden krijgsgevangen genomen.
Er viel op 30 mei 1943 nog een zesde slachtoffer: Gust Noeyens, een inwoner van Hoogstraten, werd in de buurt van het vliegtuigwrak dodelijk getroffen door een Duitse schildwacht.
Gevangenis van Hoogstraten.





Het Gelmelslot of kasteel van Hoogstraten is een kasteelgebouw dat dienstdoet als penitentiair schoolcentrum.
Volgens de legendes richtte in de 9e eeuw de Noorman Gelmel een houten kasteeltoren op met een gracht eromheen. Rond de 12e eeuw wordt deze houten toren tot een stenen kasteel verbouwd. Jan IV van Cuijk verbouwde het kasteel in gotische stijl in de eerste helft van de 15e eeuw. Na vererving komt het kasteel en het land van Hoogstraten in handen van de families Van Culemborg en Van Lalaing.
Onder de eerste graaf van Hoogstraten, Antoon I van Lalaing en zijn vrouw Elisabeth van Culemborg werd het kasteel verbouwd tot een prachtig en luxueus renaissanceslot. Ze schakelden hierbij de hulp in van Rombout II Keldermans. Het complex had drie versterkte omwallingen, wachttorens, ophaalbruggen, een wapenzaal, meerdere kapellen, rijk ingerichte zalen en zuilengangen. Na hun dood ging het kasteel en land van Hoogstraten over naar graaf Filips van Lalaing.
Het kasteel overleefde een beleg door Maarten van Rossum in 1542, maar brandde in 1581 af en raakte na een beleg in 1603 ernstig in verval. Er waren plannen voor herstel in de 17e eeuw, maar uitgevoerd werden ze niet.
Maria-Gabriëla de Lalaing was de laatste telg uit het huis Lalaing. Ze was gehuwd met Karl Florentin zu Salm, Wild- und Rheingraf zu Dhaun-Neufville, een infanteriegeneraal van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Na haar dood kwam het kasteel in handen van de familie Salm. Haar kleinzoon, Nikolaus Leopold zu Salm-Salm, liet het kasteel herstellen. In 1740 werd hij de eerste hertog van Hoogstraten en in 1743 prins van Salm-Salm.
Het kasteel werd wederom door brand getroffen in 1768; de kern van het kasteel, het binnenslot, werd niet meer herbouwd. De zuidelijke vleugel van het kasteelcomplex werd ingericht als woonvleugel van de prinselijke familie.
Tijdens de Franse tijd werd het kasteel genationaliseerd, geplunderd en deels afgebroken. Het werd als gendarmeriekazerne in gebruik genomen en vanaf 1810 als opvangoord voor bedelaars. Na 1815 kreeg de familie Salm-Salm de landerijen terug, maar het kasteel bleef in bezit van de Nederlandse staat. Vanaf 1880 werd het kasteel ingericht als een landbouwkolonie en sinds 1931 is in het kasteel een penitentiair schoolcentrum gevestigd.
Niets aan toe te voegen!


Met een blik op de kerktoren van de Sint-Katharina kerk is er ook aan deze etappe een eind gekomen.



Etappe – 5, Rijkevorsel – Hoogstraten. Een wandeling van 19,2 km.
