Utrechtpad Etappe – 5
Deze etappe start in Veenendaal. We wandelen via het Grebbelinie bezoekerscentrum, over het Grebbeliniepad naar kasteel Renswoude. Vanaf daar wandelen we verder richting het eindpunt van deze etappe, Scherpenzeel. Een groot deel van deze etappe voert langs de oude liniedijk van de Grebbelinie.
We vervolgen de route over de Slaperdijk. De Rijndijk (tegenwoordig Grebbedijk) tussen Wageningen en Rhenen werd omstreeks 1300 aangelegd. Als de Grebbedijk doorbrak, werd het water tegengehouden door het hoogveengebied bij Veenendaal. Dit veranderde door de afgraving van het veengebied, die in 1545 begon. De gevolgen werden duidelijk toen de Grebbedijk in 1595 weer eens doorbrak en het Rijnwater de stad Amersfoort bereikte. In de jaren daarna gebeurde dit nog enkele malen en na een doorbraak in 1651 werd besloten om een reservedijk, de Slaperdijk, aan te leggen. In 1653 was de dijk klaar en was in feite de oude waterscheiding hersteld.
Natuurgebied Turfweide.
De Turfweide bestaat uit parallelle ontwaterings-grachten waartussen langwerpige percelen ontstaan. Sommige tussenzones liggen hoger, andere zijn dan weer lager en vochtiger.





Privé dierentuin met daarin o.a. deze koningsfazant

Valleikanaal




Het Valleikanaal in zijn huidige vorm werd aangelegd in de periode 1935-1941 in het kader van de werkverschaffing. Dit was deels ter versterking van de Grebbelinie, de inundatie zou hierdoor beter verlopen, en deels ter verbetering van de afwatering van de Gelderse Vallei.


Fortificatie Linie van Juffrouwwijk (Grebbelinie)

In 1799 werd de Linie van Juffrouwwijk aangelegd om de Emmikhuizerberg te beschermen en de toegangswegen te controleren. Toen der tijd stond er een houten wachthuis en beschikte het werk over een gemetseld kruitmagazijn. Bovendien dekte het de Juffersluis in de Slaperdijk, die het mogelijk maakte om de Veenendaalse Vaart af te sluiten. In 1843 werd de linie doorsneden door de spoorlijn Arnhem-Utrecht, waardoor het werk er een defensieve functie bij kreeg. Rond de Linie van Juffrouwwijk liggen verschillende tastbare stukken uit de Tweede Wereldoorlog. Er staat een grote Duitse bunker die een rol speelde bij de Pantherstellung, er staan twee Nederlandse Stelvarkens en een bijzondere Betonkazemat met klimkoker.
Batterij aan de Schalm

Batterij aan de Schalmdijk is een aarden vestingwerk van de Grebbelinie. Het werd in 1786 aangelegd in de buurt van het Fort aan de Buursteeg en de Linie van Juffrouwwijk. Het had als doel de vijand de toegang tot de Emminkhuizerberg te beletten.

Grebbelinie bezoekerscentrum.
Hier wordt het verhaal verteld van deze waterlinie, die eeuwenlang een rol heeft gespeeld in de landsverdediging.

Het Grebbelinie Bezoekerscentrum is gevestigd in het Fort aan de Buursteeg. Dit verdedigingswerk werd in 1786 aangelegd vanwege een dreigende oorlog met Oostenrijk.


Het Nederlandse leger had in 1940 vrijwel geen tanks, maar moest zich wel voorbereiden op ‘vechtwagens’ van de tegenstander. Daarvoor werd modern pantserafweergeschut besteld; deze 386 stukken kregen een plek op strategische plaatsen in linies en forten. In het fort aan de Buursteeg zijn op twee plaatsen de betonnen wanden van onderkomens teruggevonden, waar dergelijk geschut heeft gestaan.
Eén van de twee posities is weer zichtbaar gemaakt met hulp van defensie en de Stichting Grebbelinie. Het schietgat kijkt uit op de spoorlijn en de Klompersteeg, waar de vijand werd verwacht. Van een ander onderkomen werden drie betonnen elementen aangetroffen, deze zijn aan de noordzijde neergelegd, dicht bij de oorspronkelijke positie.

De Acht Houten Soldaten van het Fort aan de Buursteeg geven weer de soldaten die in de loop der tijd hier waren gestationeerd of er hebben gevochten.










We verlaten Fort aan de Buursteeg en wandelen verder richting kasteel Renswoude.

Ik sta op wacht en denk aan …
En we wandelen verder.


Grand Canal van kasteel Renswoude.







Het kasteeleiland, omringd door de gracht die overgaat in een vijver, wordt omgeven door een parkbos in landschappelijke stijl. Vanaf de voorgevel van het huis loopt een zichtas door een laan in het park en zet zich voort aan de oostkant van de Dorpsstraat in het ‘grand canal’. De tuinen kregen in 1708 een formele aanleg, waarbij onder meer het ruim700 meter lange ‘grand canal’ werd uitgegraven.
Kasteel Renswoude
Het kasteel bestaat uit een hoofdgebouw en twee flankerende bouwhuizen. Alle drie komen zijn uit 1654 en zijn gebouwd in de Hollands classicistische stijl.
Voorzijde kasteel Renswoude

Achterkant kasteel Renswoude

Voorkant met bijgebouwen
















Kasteel Renswoude is een particulier bewoond kasteel. Rondom het omgrachte kasteel Renswoude (1654) werd door de toenmalige bewoners een groot park in Frans Classicistische stijl aangelegd. Aan de achterkant van het omgrachte huis werd een grote symmetrische tuin aangelegd en plantten de tuinlieden broderies (kunstig gevormd hagen- of bloemperk) in. Ook werd een sterrenbos aangelegd. Om voldoende water naar het park te krijgen, werd een kilometerslange sloot gegraven van de Lunterse beek naar de gracht van het kasteel (“Nieuwe watersloot uijt de Lunterse Beeck tot inde Graft van Renswoude, gegraven met consent vande Heeren President en Heemraden vande Slaperdijk”). Deze watertoevoer uit 1704 naar het kasteel kan ook niet geheel los worden gezien van de aanleg van de Slaperdijk in 1651 die de de oostgrens van de Heerlijkheid Renswoude vormt en tevens sindsdien de provinciegrens tussen Utrecht en Gelderland, en de betekenis die de dijk heeft gehad voor de waterhuishouding in de Heerlijkheid Renswoude en het naast en hoger gelegen Gelre. Deze sloot werd later in het uitzicht van het kasteel verbreed en vormde zo de beroemde ‘waterallee’ of ‘grand canal’. In het begin van de 19e eeuw werd het park deels heraangelegd in de Engelse landschapsstijl (Zocher sr) en werd achter het kasteel de symmetrische tuin vergraven tot een grote vijver.
Achterzijde met tuin.















De route gaat verder, letterlijk, over de Slaperdijk die de grens vormt tussen Utrecht en Gelderland, richting het fort Daatselaar.
Werk aan de Daatselaar, ook wel Fort Daatselaar genoemd, is een aarden vestingwerk van de Grebbelinie. Het werd in 1799 aangelegd op de plaats waar de Groeperkade en de Slaperdijk bij elkaar komen.












Op de noordelijke punt van de Slaperdijk in Renswoude werd in 1799, onder Frans bewind, Werk aan de Daatselaar aangelegd als steunpunt tegen een Pruisische aanval. Het was bedoeld om de toegang tot de Groeperkade en de Slaperdijk in de Grebbelinie te verdedigen. Het bestaat uit een gesloten aarden verdedigingswerk. In de aarden wal zijn de schietsleuven voor de kanonnen nog steeds te zien. Op het terreplein zijn in de hoeken de opritten naar de opstelplaatsen voor de kanonnen nog herkenbaar. Het werk is zo’n 320 meter lang en 120 meter diep. Op het terreplein kwam een klein wachthuis en bij de aansluiting met de Slaperdijk, de keelzijde, een stenen kruitmagazijn.


Via de Nederwoudse Beek wandelen we verder naar het volgende vestingwerk, Werk aan de Engelaar.
De Nederwoudse Beek

Rondom Lunteren ontspringen en stromen een groot aantal beken. De belangrijkste hiervan zijn de Lunterse Beek, de Meulunterse Beek overgaand in de Overwoudse Beek, de Veender Beek overgaand in de Fliertse Beek, de Buzerdse Beek en de Nederwoudse Beek. De cultuurhistorische betekenis van deze beken is gering; er hebben nooit watermolens of wasserijen aan deze beken gestaan. Het stelsel van de Lunterse beken is complex. Het water komt veelal uit zijslootjes die haaks op de beken staan.



Het gebied wat we doorkruisen behoort tot de Bible Belt.

Herdenkingsmonument Groeperkade


Het bordje vermeldt vijf namen van mensen die als represaillemaatregel op deze plaats werden gefusilleerd. Ze werden terechtgesteld voor een actie van een andere verzetsgroep, die een Duitser om zijn geweer neerschoten. Bij deze overval namen deze Renswoudenaren het geweer mee, maar de soldaat overleefde de aanslag. Veertien november 1944, om half één, werd het op deze plaats uitgevoerd. De vijf werden uit de gevangenis in Utrecht gehaald en gefusilleerd.
De Groeperkade.
De Groeperkade is een keerkade of dwarsdijk en is onderdeel van de Grebbelinie. De keerkade werd in 1795 aangelegd, maar dit bleek niet afdoende en werd in 1799 verlengd. De Groeperkade is een rijksmonument en is nog grotendeels intact.


Waar grenspalen langs de grenzen van de Militaire Rijksgronden liggen, daar vinden we aspalen in de as van de kade en Liniedijk. De palen hebben geen nummer, maar een letter. Het is momenteel niet bekend hoeveel aspalen nog bestaan in de Liniedijk; vermoedelijk zijn ze voor het grootste deel verdwenen. Bij elke verhoging of vergraving van het dijklichaam verdween de paal immers onder het zand, terwijl de grenzen van de Liniedijk in de loop der geschiedenis in grote lijnen gelijk bleven. De aspalen vormden referentiepunten waar naar verwezen werd, zodat men de Rijksgronden nauwkeurig in kaart kon brengen. Dat de palen nog wel te vinden zijn op de Groeperkade ligt aan het feit dat deze dijk niet is opgehoogd en omgespit zoals de Liniedijk tijdens de mobilisatie in 1939-’40 en tijdens de aanleg van het Valleikanaal. Op de Groeperkade vinden we steeds een aspaal op de plek waar de kade een knik maakt. Tussen de twee aspalen werd op de kaart een lijn getrokken en deze lijn was weer een referentielijn voor de opgemeten en vastgestelde breedte van de dijk. Deze metingen werden halverwege de 19e eeuw uitgevoerd. Toen werden tevens grens- en aspalen geplaatst.
Meer info over de grens en aspalen van de Grebbelinie vind u hier.
Lunterse beek


Werk aan de Engelaar




Het verdedigingswerk werd aangelegd in de tijd van de Bataafse Republiek in 1799. De Fransen zagen het nut van de Grebbelinie in en zetten de werkzaamheden voort. Het werk heeft de vorm van een hoornwerk; een aarden hoofdwal dwars op de Groeperkade, met aan weerszijden halve bastions. De vijand die over de kade het werk naderde kon van beide kanten onder vuur worden genomen, ze bleven ze in het schootsveld van de verdedigers liggen en de kade bood geen rugdekking. Dichtbij het werk lag een oude boerderijf waaraan de naam is ontleend. Op oude kaarten komt ook wel de naam voor als “voorwerk” of “voorpost” in plaats van “werk”. Het was een belangrijke voorpost. Het had als taken de vijand de toegang over de Groeperkade te beletten en om de damsluis in de Lunterse Beek te beschermen. De damsluis speelde een sleutelrol bij de inundatie van het terrein voor de linie. De oude waterkering was van hout en deze werd in 1865 vervangen door een stenen damsluis die altijd nog bestaat. Wanneer de damsluis werd gesloten dan liep het water uit de Lunterse Beek in de 2e of Groepsekom. Voor de Engelaar werden grachten gegraven die gevuld werden met water als extra verdedigingsmiddel. Het zand uit de grachten werd gebruikt voor de aanleg van de wallen. Tegen het einde van de Franse bezetting was de linie in belang afgenomen. Aan onderhoud werd niets meer gedaan en aan het einde van de 19e eeuw waren de grachten geheel dichtgegroeid.
Ondanks de slechts staat van onderhoud werd het werk opgenomen in de plannen van de Nederlandse verdediging in 1939-1940. Het werd onderdeel van de Grebbelinie, maar desondanks zijn hier geen kazematten gebouwd. De commandant was kapitein Moquette en zijn soldaten moesten veel werkzaamheden verrichten om het werk in bruikbare en verdedigbare staat te brengen. In de wal werden posten gemaakt van waaruit met een mitrailleur of geweer op de naderende vijand kon worden geschoten. Op 12 mei 1940 viel hier een Duitse verkenningseenheid aan. Op 13 mei volgde een grotere aanval van het 2e bataljon van het 312e Duitse Regiment. De Nederlandse soldaten sloegen van zich af en pas tegen de avond trokken zij zich terug nadat er een tekort aan munitie was ontstaan. De helft van de 64 soldaten die het werk verdedigden trokken zich terug en de helft hiervan kon de Vesting Holland bereiken.


Na het passeren van de Lunterse beek gaan we verder richting het eindpunt van de wandeling, naar Scherpenzeel.


Veenendaal – Scherpenzeel. Een wandeling van 20,5 km.
