Waas- en Reynaertland – Etappe – 4. Kruibeke – Haasdonk
Deze etappe begint bij de aanlegsteiger van de pont over de Schelde.

De wandeling gaat door het natuurgebied “de Kortbroek”. In dit gebied komen ook de bevers voor. Dit geeft veel wateroverlast in het gebied.


Ook de regen zorgt voor wateroverlast. Daardoor genoodzaakt om een alternatieve route te zoeken.

Met een omweg komen we toch bij kasteel Altena.



In 1594 opgetrokken waterburcht ter vervanging van het tien jaar vroeger afgebrand kasteel. Tot 1850 onafgebroken in het bezit van de familie Lanfranchie die de Heerlijkheid van Kruibeke bezaten, daarna in handen van Eduard Pieter Filip, ridder le Boucq de Beaudignies. In 1878 door burggraaf Julius le Boucq de Beaudignies hersteld en vergroot. Daarna werd het een bejaardentehuis voor de Zusters van de Heilige Vincentius à Paulo. Tegenwoordig heeft het een andere bestemming.
Deze staat al heel lang op de eigenaar te wachten. Heeft misschien wel de verkeerde bus genomen…





De Voermansrust is een langgestrekte hoeve met een bewaard, authentiek volkscafé, gelegen in de Kruibeekse wijk Sterhoek of later Boschhoek genaamd, nabij een historisch belangrijk verkeersknooppunt.
De geschiedenis van de voormalige hoeve zou opklimmen tot de 16de of 17de eeuw. Op de Ferrariskaart van 1771-1778 wordt de hoeve eveneens weergegeven.
De benaming van het café zou verwijzen naar de functie van afspanning en als zodanig naar de voermannen die de herberg bezochten. De bijnaam ‘bij Roos Pap’ werd dan weer ontleend aan één van de cafébazinnen, namelijk Rosalie Van Goethem, die samen met haar echtgenoot Aloïs Van Hul het café, de boerderij en kolenhandel van haar schoonouders overnam in 1953. Die schoonouders (en hun voorouders) werden de ‘Pappes van de Sterrenhoek’ genoemd, vandaar haar bijnaam ‘Roos Pap’. Traditioneel ging het café over van moeder op dochter of schoondochter.
Geen Aliens gezien…




Woonhuis met gietijzeren hek van het dubbelhuistype (voorgevel op het zuiden) van vijf traveeën onder zadeldak (nok parallel aan de straat, riet) voorzien van een dakvenster (oorspronkelijk twee) met beluikt kruisvenster als lichtopening en kleine steen met jaartal 1741.
Op de foto rechtsonder: Zo zag de hoeve eruit voor dat er begonnen werd met restauratie
Hoezo lichtvervuiling?




Lichtvervuiling is de verhoogde helderheid van de nachtelijke omgeving door gebruik van kunstlicht. Lichthinder is de overlast die mensen en dieren hiervan ondervinden.
Lichtvervuiling is een vrij recent fenomeen. Het overvloedig verlichten van allerhande plaatsen veroorzaakt ecologische schade. Nachtverlichting, zoals verlichting van snelwegen en straten, gebouwen, objecten en assimilatieverlichting in de glastuinbouw, kan het biologische dag- en nachtritme van mensen en dieren verstoren. Planten worden beïnvloed in hun groeiwijze. Ook astronomische waarnemingen worden erdoor bemoeilijkt.





Mooi groen is ook niet lelijk..

Molen van Hove

De Molen Van Hove of Nieuwe Molen is een windmolenrestant in Beveren. Deze ronde stenen molen van het type stellingmolen fungeerde als korenmolen.
In 1787 werd op deze plaats een achtkante bovenkruier gebouwd. Het was een houten molen op een stenen onderbouw. In 1822 brandde deze molen af, waarna een ronde stenen stellingmolen werd gebouwd. In 1850 kwam er ook een stoommachine bij het maalbedrijf. In 1924 werd de molen onttakeld: wieken en gaanderij werden verwijderd. Er werd nog met een gasmotor gemalen en vanaf 1927 met een elektromotor. De maalderij bleef tot 1975 in bedrijf voor de productie van bloem en veevoer, waartoe een haverpletter was geïnstalleerd. In de molen, die vijf verdiepingen telt, zijn de meeste onderdelen van de maalinrichting nog intact. Ook de kap is nog aanwezig.
Kasteel Cortewalle met koetshuis









Kasteel Cortewalle is een Vlaamse waterburcht te Beveren, die jarenlang bewoond werd door de familie de Brouchoven de Bergeyck.
Het kasteel dateert uit de 15e eeuw, en is een van de oudste van het Waasland. Het is opgetrokken in witte zandsteen, in de stijl van de Vlaamse renaissance. Het werd uitgebreid door Joos Vijd, die het naliet aan zijn neef Joos Triest. Gedurende eeuwen was het familiebezit van de families Triest, Goubau en De Brouchoven de Bergeyck. De familie De Brouchoven de Bergeyck verkocht het aan de gemeente Beveren in 1965.

Beeldhouwwerk ‘Paard verdedigt veulen tegen stier’ van Alfons Van Meirvenne

Een bij in de bijentuin bij het kasteel


Gedichten van Herman van Rompuy en Mark Eyskens op de tuinommuring. Op de rechter foto de toegangspoort naar het kasteel met daarachter de tuinommuring.

Sint-Martinuskerk op het marktplein van Beveren.


De Sint-Martinuskerk was oorspronkelijk een Romaanse kerk uit de 11e eeuw. De kerk is vooral bekend om het hart van de “heer van Beveren”, Adolf van Bourgondië, dat hier begraven ligt. In het hoogkoor geeft een koperen plaat dit aan. Het was namelijk zo dat vroeger de personen van adel hun hart lieten begraven op de plaats waar zij tijdens hun leven het liefst verbleven hadden. Hun lichaam lieten ze dan begraven op de familiebegraafplaats of in hun geboortestreek
Sint-Maarten is een bijzonder populaire heilige. De kerk in Beveren kreeg – net als talrijke kerken, kloosters en andere gebouwen kregen – zijn naam. Vlaanderen telt 123 Sint-Martinuskerken. In het bisdom Gent zijn alleen al 46 kerken aan Sint-Martinus toegewijd.
Martinus werd in 316 na Christus geboren in een Romeinse vesting gelegen in Pannonië (het huidige Hongarije), dichtbij de Oostenrijkse grens. Als zoon van een Romeins legerofficier, moest hij zich op vijftienjarige leeftijd als soldaat melden. Hij werd ruiter in de keizerlijke garde en op doortocht in Gallië kwam hij in contact met Bisschop Hilarius van Poitiers. Martinus, wiens ouders niet christelijk waren, bekeerde zich en liet zich op achttienjarige leeftijd dopen. Volgens de overlevering zou Martinus geweigerd hebben tegenstanders te doden, en werd hij als “gewetensbezwaarde” ontslagen uit het leger.
Daarna leidde hij een kluizenaarsbestaan in Ligugé nabij Poitiers, tot in 371 de bisschop van het verderop gelegen Tours stierf. Tegen zijn wil werd Martinus door de bewoners van deze stad tot bisschop verkozen. Martinus had een zeer ascetisch karakter en de bisschopstaak, met al wat daaraan verbonden is, strookte niet met zijn aard. Hij wilde zijn leven beëindigen als kloosterling en stichtte daartoe in 375 de abdij van Marmoutier aan de Loire. Hij overleed op 8 november 397 in Candes, gelegen op 50 km van Tours, en op 11 november werd hij begraven in Tours. De elfde november werd dan ook zijn feestdag.
Kort na zijn dood werd Martinus reeds vereerd als een beschermer en een helper van de armen en verdrukten, dit als gevolg van de “manteldeling”. In 332, nog vóór zijn doopsel, kwam hij op een barkoude winterdag te paard aan de stadspoort van Amiens, waar hij op dat ogenblik gelegerd was. Hij ontmoette daar een halfnaakte kreupele bedelaar die de voorbijgangers tevergeefs om een aalmoes vroeg. Martinus deelde met zijn zwaard zijn mantel in twee en schonk het ene stuk aan de sukkelaar. Door dit feit is hij de patroon van de bedelaars geworden. Dit tafereel, bekend als “de liefdadigheid van Martinus”, werd ontelbare malen uitgebeeld in de christelijke kunst.
Het oude stadhuis van Beveren uit 1863.

Het omwalde kasteelklooster Hof Ter Welle.







Het Hof ter Welle, ook bekend als het Oud Geestelijk Hof is een voormalig klooster en omwald kasteel.
De geschiedenis start in de 13e eeuw. Het goed evolueerde van een omwalde hofstede, met centrale binnenplaats, in de late middeleeuwen tot een renaissancekasteel, bewoond tot in de zeventiende eeuw. De laatste wijzigingen werden aangebracht in de 19de eeuw door de toenmalige residerende diocesane zusters. Het domein was de zetel de geslachten Vilain XIIII (1414), van Pottelberghe, Delplano en Foulon d’Anteville.
In 1723 werd Hof ter Welle, aangekocht door de bemiddelde geestelijke dochter Anna Piers, die het omgedoopte tot Geestelijk Hof. Het slot werd verbouwd tot een weeshuis: er werd een ruime kapel gebouwd met orgel, en koorbanken voor de kloosterzusters. De zusters verschaften er meer dan 150 jaar onderdak aan jonge, ouderloze meisjes. De laatste zusters verlieten het Oud geestelijk Hof in 1988.
Hof Ter Saksen met hoeve en orangerie.










Hof Ter Saksen is een 18e eeuws kasteeldomein.
Indien u meer wilt weten van Hof ter Saksen klik dan hier.
We naderen het eind van deze wandeling.
De koeienwasplaats!!

Omwalde Hoeve Ter Snoeck.



Omwalde hoeve, zogenaamd “Ter Snoecke”, gelegen aan een aarden dreef beplant met populieren. Woonhuis in traditionele bak- en zandsteenstijl onder mank zadeldak (Vlaamse pannen), op de rechter zijgevel door middel van muurankers 1650 gedateerd,
Het is bijna kerst, dus een kerststal kan niet ontbreken.

Sint-Jakobus De Meerdere Kerk in Haasdonk


Wilt u meer weten van deze kerk, klik dan hier.

Op het marktplein van Haasdonk eindigt deze etappe.

Kruibeke – Haasdonk. Een wandeling van 19,4 km.
