Waas – en Reynaertland – Etappe – 5, Haasdonk – Belsele
De etappe begint bij de Sint-Jakobus De Meerdere Kerk in Haasdonk. De wandeling gaat langs het fort van Haasdonk via Nieuwkerken-Waas en Sint-Niklaas naar Belsele.

Eenmaal buiten de bebouwde kom van Haasdonk zien we dat ook in België hard wordt gewerkt aan de uitbreiding van het elektriciteitsnetwerk.




We wandelen verder richting het Fort van Haasdonk.


Het fort is gebouwd van 1908 tot 1913 en bestaat uit gebouwen van ongewapend beton op een trapeziumvormig forteiland. Het is een fort van de tweede orde met samengevoegde caponnières. Er is een bedekte weg en een glacis. Op het fort is er één infanteriekam, en zijn er draaibare geschutskoepels.
Tijdens de twee wereldoorlogen heeft het geen belangrijke rol gespeeld. Na de Eerste Wereldoorlog werd de bewapening ontmanteld. Het fort werd dan vooral als een magazijn gebruikt.









Nieuwkerken-Waas



Foto links: monument ter nagedachtenis van de inwoners van Nieuwkerken die zijn omgekomen of vermist in de Eerste Wereldoorlog en de Tweede Wereldoorlog. Foto midden: Hemelboog, kunstwerk waarin de geschiedenis van Nieuwkerken Waas is verwerkt. Foto rechts: Onze-Lieve-Vrouw-Ten-Boskerk uit 1793



Oud gemeentehuis van Nieuwkerken Waas uit 1767.


Bij archeologisch onderzoek zijn er vijf huizen van de derde tot de eerste eeuw voor Christus gevonden in Nieuwkerken Waas. Deze zouden er zo hebben kunnen uitzien.


Bufferbekken Klapperbeek


Dit gebied langs de spoorweg Antwerpen-Gent kan bij hevige regenval 30.000 kubieke meter water opvangen.
En zo nadert de stad Sint-Niklaas

Stationsgebied Sint-Niklaas.




Prins Albertstraat



Ontworpen in 1846 doch pas in 1902 aangelegd en bebouwd met voornamelijk art-nouveaugetinte burgerhuizen. Lijstgevels van twee a drie traveeën en drie bouwlagen, dikwijls onderkelderd. Parementen van geglazuurde baksteen op sokkels van arduin. Gevelwanden sterk verlevendigd door de verschillende uitgewerkte deuren en vensters: rechthoekige, segment-, korf-, rondbogig, driekwartcirkelvormig, en de versierde borstweringen en boogvelden met sgraffitopanelen. (Sgraffito is een versieringswijze waarbij in de nog natte klei of engobe figuren of patronen worden gekrast zodat de onderlaag, die vaak een andere kleur heeft, zichtbaar wordt).
Regentieplein met Rolliersmonument. Het bouwwerk bestaat uit een vergulde bronzen engel op een granieten zuil met ervoor een leeuw. In de zuil zit een bronzen medaillon verwerkt.



Het zogeheten Rolliersmonument. Het is een aandenken aan de strijders van de revolutie van 1830 en in het bijzonder aan Sint-Niklazenaar majoor Benoît Rolliers (17 juli 1798 – 10 december 1877). Deze zou voorkomen hebben dat een regiment onder leiding van Ernest Grégoire op 2 februari 1831 de Prins van Oranje in Gent tot koning zou uitroepen, precies op de dag dat het Nationaal Congres een nieuw staatshoofd zou uitkiezen. Rolliers ging met een groep van de Gentse brandweer, waar hij toen werkzaam was, naar het gouvernementspaleis. Daar had het regiment zich opgesteld en hield de gouverneur Werner de Lamberts-Cortenbach gevangen om hem te dwingen partij voor de orangisten te kiezen. De groep brandweerlieden verjaagde het regiment, met verschillende doden tot gevolg. Het resultaat was dat Gent uit de handen van de Nederlanders bleef waardoor ook Brussel onder Belgische controle bleef en het Voorlopig Bewind gewoon kon voortwerken. Rolliers ontving voor zijn daad de rang van kapitein en meerdere onderscheidingen.
Mercatormuseum met bijbehorend park.







De voormalige drogisterij De Walvis

Hoe oud De Walvis is, kan niet met volledige zekerheid gezegd worden. Vermoedelijk werd in 1875 een voorgaand gebouw volledig afgebroken en heropgebouwd. De nog bestaande neoclassicistische gevel dateert van toen. Zowel voor als na de heropbouw deed het gebouw dienst als winkel, onder andere als schoenmakerij en stoffenwinkel. In 1899 werd het pand gekocht door Louis Le Roy-de Larsville, die het verhuurde aan een handelaar in muziekinstrumenten. Eugeen Amand kocht op 23 december 1918 het gebouw voor 15.000 Belgische frank. Het had een gunstige ligging, op de weg naar Antwerpen en in het centrum van de stad, vlakbij de Houtbriel, de Grote Markt en de toen nieuwe Stationswijk. Amand was opgeleid als apotheker maar koos ervoor om een drogisterij van het pand te maken omwille van het gebrek aan drogisterijen in de buurt. Hij noemde zijn zaak De Walvisch, gespeld in de toenmalige spelling. De dierennaam was toen een modeverschijnsel en was ook passend omwille van de verkoop van levertraan. Begin 1919 kreeg de winkel een nieuw interieur en ook de gevel werd toen in het rood geschilderd. Op de gevel kwam het opschrift “De Walvis Firma AMAND”, met eronder “Drogerijen Scheikundige Produkten” in het wit te staan. In mei 1919 opende de winkel de deuren. De opening was een groot succes, waardoor zeep, tandpasta, bruiswater en toiletpapier op het einde van de dag volledig uitverkocht waren.


Herenhuis met rijk versierde gevel in neo-Vlaamserenaissance-stijl, van 1895.


Op 14 maart 1931 ontworpen burgerhuis, een functioneel baksteengebouw met een gevelhoge, erkervormige glazen massa met kleine facetten en glas-in-lood rechts en brede, rechthoekige ramen links. Dit alles in Art-Deco stijl

Huyse Sorgvliet

Sint-Niklaas komt niet voor in het Reynaertverhaal, maar is al meer dan een halve eeuw de thuishaven van veel experten van het middeleeuwse epos. Een standbeeld van deze sluwe vos in het stadspark kon daarom niet uitblijven.

monument ter ere van de gesneuvelden in de Koreaanse oorlog.


Kiosk in het Romain de Vidtspark



De muziekkiosk van Sint-Niklaas is een bijzonder sierlijke gietijzeren constructie in eclectische stijl, met Moorse inslag in de hoefijzerbogen en neogotische invloed in de met vierlobben en visblazen opengewerkte panelen. Hij is de enige in zijn soort die nog bestaat. Op 29 april 1859 werd een contract gesloten voor de levering van een gietijzeren kiosk naar het model van die in Mechelen. De onderbouw werd volledig in blauwe steen van Feluy in Henegouwen uitgevoerd. De kap, die oorspronkelijk in hout was voorzien werd op aandringen van de gieterij Van Aerschot, in ijzer gemaakt en bedekt met zink. Uiteindelijk werd de kiosk ter plekke gemonteerd in een wandelpark, genaamd De Warande, aan de Grote Markt, tijdens de maanden april en mei 1860.

Kasteel Walburg








In 1550 verkreeg ridder Willem van Waelwijck de toestemming van Karel V om de heerlijkheden van der Moeren en van Willemaers samen te voegen tot één leen, het Hof van Walburg. De heerlijkheid van der Moeren had reeds een omwald huis. Van Waelwijck liet dit afbreken en vervangen door het huidige. In 1553 was de waterburcht op loopafstand van de markt klaar. Hij vernoemde zijn burcht naar zijn vrouw, Walburgis. Het toenmalige domein bestond uit een boomgaard, een tuin en twee landwegen. In de 19e eeuw kwam het kasteel in handen van de familie Van Naemen en werd het kasteel verbouwd. Ook werd het park omgebouwd tot een Engelse tuin.
Burgerhuis in Art-Deco stijl

Rijhuis van twee bouwlagen in 1935. Bakstenen parement op hoge arduinen sokkel. Rechthoekige deur en vensters. Overkragend bakstenen balkon (staand metselverband) in de deurtravee uitgewerkt als ronde, boven de kroonlijst uitlopende erker. Laatste travee met twee gevelhoge, gekoppelde smalle rechthoekige vensters. Alle vensters met opmerkelijke glas-in-loodopvulling in art-Deco stijl.
Iets modernere gevelversiering

Sint-Niklaaskerk






Door hier te klikken komt u meer te weten over deze kerk


Foto links het Parochiehuis aan de linkerzijde.
Het Oud Parochiehuis, een barok pand, werd opgetrokken in 1663-1664. De trap in rococostijl stamt uit 1776. Het Sint-Nicolaasbeeld werd In 1867 in de geveltop toegevoegd. Aanvankelijk fungeerde het gebouw als zetel van de Vierschaar waarna het tot 1844 als stadhuis dienst deed. Vervolgens zetelden hier de Rechtbank van Koophandel en de Werkrechtersraad.
Op de linker foto rechts staat de Cipierage
Hier was ooit, zoals de naam reeds laat vermoeden, de gevangenis van het Land van Waas gevestigd. Het gebouw werd gebouwd in 1661-1662 in een sobere barokstijl. Waar nu het café is beneden verzamelden vroeger de cipiers van het Land Van Waas.
Stadhuis Sint-Niklaas





Op 2 december 1874 besliste de gemeenteraad een nieuw stadhuis te laten bouwen op dezelfde plek als het vorige. Ook nu werd er een wedstrijd georganiseerd voor het ontwerp. Eenentwintig ontwerpen werden ingediend en tentoongesteld van 15 april tot 1 mei 1875. De architect Pieter Van Kerkhove uit Lembeke werd op 28 juli 1875 door de jury uitgeroepen tot winnaar met een neogotisch ontwerp met een belforttoren, ondertekend met de leuze Vlaamsche Zeden, Vlaamsche Kunst. Hij kreeg een prijs van 3.000 Belgische frank. Nadat het puin van het vorige stadhuis was weggehaald, begonnen op 15 april 1876 de werken. De belforttoren kreeg tijdens de bouw de kritiek “te mager” te zijn en weinig “karakter” te hebben. Dit werd opgelost door in 1878 galmgaten aan te brengen waardoor de toren een zwaarder uitzicht kreeg. Bovendien ontstond dan de mogelijkheid een beiaard te kunnen installeren. Bij de officiële opening op 1 september 1878 waren koning Leopold II en koningin Marie Henriëtte aanwezig.

Aan de voet van het belfort van het stadhuis op de Grote Markt bevindt zich het imposante beeld van Sint-Nicolaas. In 1217 werd hij de patroonheilige van de toenmalige parochie en dorpsgemeenschap. Sint-Nicolaas, in de volksmond bekend als Sinterklaas, is de grote kindervriend. Het beeld verwijst naar de traditie rond de heilige Nicolaas, bisschop van Myra (+/- 280 -342/352). De hoge mijter, de rode mantel en de staf zijn de herkenbare attributen. Op zijn troon maakt hij een zegenend gebaar. Aan de voet van de troon staren drie kinderen de kijker aan. Ze zitten in een houten slagerskuip. Volgens de legende heeft Sinterklaas hen gered van een gewisse dood. Later wordt Sinterklaas de man die de brave kinderen speelgoed brengt. Op de rugleuning van de troon prijken een luchtballon en de Wase raap, beide symbolen van de stad en de regio.
Onze-Lieve-Vrouw-van-Bijstand-der-Christenenkerk

De kerk werd gebouwd en in gebruik genomen rond het midden van de 19e eeuw, tussen 1841 en 1844. Toch was ze pas helemaal afgewerkt toen in 1896 het zes meter hoge vergulde Mariabeeld op de ongeveer 50 meter hoge toren werd geplaatst.
Kantoor SVK

“Scheerders van Kerchove’s Verenigde Fabrieken N.V.”, in 1905 opgericht door Leon-Jean Scheerders, met als naam “Pannen- & Steenbakkerijen van Sint-Nicolaas”. De kleigroeven lagen op het grondgebied der oude heerlijkheid Puyenbeke; een groot deel der nijverheidsgebouwen op dat van de oude heerlijkheid Aerschot. Aanvankelijk werd de met de spade afgegraven klei via een hellend vlak en door middel van een windas uit de groeve in de steenfabriek gebracht. Laatstgenoemde stond op de plaats van de huidige schrijnwerkerij en bezat een liggende stoommachine. In 1906 werd een Hoffmannoven met schoorsteen gebouwd, als een der eerste in België. In 1907 werden een tegel- en een betonfabriek toegevoegd. Een excavateur en twee kleine stoomlocomotieven werden in 1918 aangeschaft. Voorts onder meer: nieuwe afdeling voor asbestcement (1921), uitbouw elektrische centrale van 1000 kW (1922), nieuwe Hoffmannoven met schoorsteen van 70 meter (1922), oprichting van een kleine drukkerij voor eigen gebruik (1924-27) en uitbouw ervan tot handelsdrukkerij (1928) later gekoppeld aan een boekbinderij, bouw van een nieuwe schrijnwerkerij (1928); productie van gevelsteen (1934). Uitgestrekt complex als binnenblok tussen Aerschot-, Dal-, Hazewind- en Lange Halsbeekstraat en de spoorweg Antwerpen-Gent. De stel- en reparatieloodsen van de voormalige spoorweg Sint-Niklaas-Dendermonde (1877) en de ingenieurswoning aan het Westerplein, werden in de fabriek opgenomen. Van de oorspronkelijke stoomsteenbakkerij rest enkel de schoorsteenvoet van de oostwest-gerichte, vernieuwde Hoffmannoven.
De route gaat verder langs de spoorlijn richting Belsele. Daarbij passeren we een lange muur met moderne kunst, graffiti genaamd.







Met het beeld van een spoorbrug en een passerende autotrein sluiten we deze wandeling af.



Etappe 5 van Haasdonk naar Belsele. Een wandeling van 20,9 km.
