Westerscheldepad, etappe – 1
We beginnen deze wandeling in het Zeeuws-Vlaamse Sluis. Sluis vooral bekend door haar vestingwallen. Dit zijn verdedigingswerken die grotendeels behoren tot de Staats-Spaanse linies. Dat is een lange gordel van verdedigingswerken die tijdens de Tachtigjarige Oorlog ontstond aan weerszijden van het front in Noord-Vlaanderen, waar Staatse en Spaanse troepen tegenover elkaar lagen. We wandelen over de wallen richting Retranchement en verder naar de badplaats Cadzand. Retranchement is dorp, gelegen op de grens met België, met een rijke geschiedenis. Het maakte deel uit van de vestingwerken die in de 16e en 17e eeuw werden aangelegd tijdens de Tachtigjarige Oorlog. De naam “Retranchement” betekent dan ook letterlijk “terugtrekking” en verwijst naar de verdedigingswerken die werden gebruikt om de stadslinie te beschermen. Daarnaast was Retranchement ooit een belangrijke uitvalsbasis voor de scheepvaart en handel langs de Westerschelde. Vanaf Cadzand-bad wandelen we verder door het duingebied en door de verdronken Zwarte Polder naar het eindpunt van deze etappe, Nieuwvliet.
We starten deze wandeling met een kleine rondwandeling door Sluis.



Johan Hendrik van Dale legde de basis voor het bekende Groot Woordenboek der Nederlandse taal, de ‘Dikke Van Dale’. Hij werd geboren op 15 februari 1828 in Sluis.
Napoleonbrug


Damsche Vaart en het Belfort

Belfort van Sluis







Het Belfort van Sluis werd gebouwd in de 14e-15e eeuw. Een belfort is van oorsprong een middeleeuwse, Vlaamse toren met klokken die werden geluid bij belangrijke gebeurtenissen, zoals een brand, de nadering van een vijandelijk leger of de afkondiging van een wet. Hoog in de Belforttoren staat een houten beeldje, genaamd “Jantje van Sluis”. Dit mannetje in 17e eeuwse klederdracht slaat met zijn hamer de tijd op de klokken. Hij is de ‘held van Sluis’ omdat hij Sluis redde van een Spaanse aanval.
Oorlogsmonument Sluis



Damse Vaart

De Damse Vaart, ook wel bekend als “Napoleonkanaal” of Kanaal Brugge-Sluis, is circa 14 km lang en zorgt voor een verbinding via het water tussen Brugge en Sluis. Het kanaal is gegraven in opdracht van Napoleon door Spaanse krijgsgevangenen tussen 1812 en 1814. Napoleon wilde een verbinding maken tussen Brugge en Breskens naar de Westerschelde. Door de nederlaag van Napoleon werd het kanaal maar gegraven tot de stad Sluis. Als waterweg is het kanaal Brugge-Sluis nooit van grote betekenis.
Westpoort of Stenen Beer of Brugse Poort











De poort werd van 1444 tot 1450 gebouwd ter vervanging van een door de Bruggelingen in 1437 vernielde poort. De bouw werd gefinancierd met gelden die waren verkregen uit loterijen. Dat Sluis een oud vestingstadje is, blijkt vooral uit de aanwezigheid van de vestingwallen en stadspoorten. Het was reeds in 1382 dat Graaf Lodewijk van Male de opdracht gaf om Sluis te versterken door de bouw van een machtig kasteel en de aanleg van stadsgrachten, stadswallen en stadspoorten. Later werden de bekende vestingbouwers Simon Stevin en Menno van Coehoorn hierbij betrokken.
Zicht vanaf de Westpoort op de Damse Vaart

We wandelen verder over de wallen van Sluis richting de Zuidpoort.







De wallen dateren uit de 14e eeuw. Sluis bloeide in die tijd op als handelsstad door haar ligging aan het Zwin. Het Zwin was een belangrijke zeearm en vaarweg. Aan het einde van de 15e eeuw liep door de verzanding van het Zwin de handel en welvaart van Sluis sterk terug. Maar Sluis is gedurende de Tachtigjarige Oorlog (1568 tot 1648) als vesting van belang gebleven.
Zuidpoort


De Zuidpoort tegenover de molen is de oude toegangspoort van Sluis. Het is de oudste stadspoort in Sluis en werd gebouwd van 1399 tot 1406 door de meestermetselaar Arend de Keijser. Vanuit de poort liep de weg naar Aardenburg. Via deze poort kwam men over een lange loopbrug en ophaalbrug in het ravelijn “Vriesland”. Een ravelijn is een verdedigingseiland in de hoofdgracht ter dekking van een achterliggende rechte wal tussen de bastions.
We wandelen verder richting de Oostpoort. Aan de ene zijde zicht op het Belfort, aan de andere zijde zicht op de buitenwallen van Sluis.





Oostpoort






De Oostpoort is gebouwd tussen 1424 en 1432. De Oostpoort nabij de Zuiddijk had vier grote torens, twee aan de stadszijde en twee op de middensingel. De toegang tot de stad was mogelijk via twee valbruggen, één over de binnengracht en één over de buitengracht. In die tijd gold ´wie Sluis bezit, bezit Vlaanderen’, in 1606 werd de poort bij verrassing bijna genomen door de Spanjaarden. Als gevolg van de Tachtigjarige Oorlog is eind 16e eeuw gestart met de aanleg van ravelijnen. Nadat Sluis begin 17e eeuw weer in handen van de Staatsen is gekomen werd aan de landzijde (oostzijde) een gebastionneerde wal aangelegd. Tussen 1699 en 1702 werden de vestingwerken naar de inzichten van vestingbouwkundige Menno van Coehoom gemoderniseerd, de bovenbouw van de poort werd hiervoor in de 17e eeuw gesloopt.




Hier lag de voormalige haven van Sluis die via het Zwin in verbinding stond met de zee. Na de inname van Sluis door de Spanjaarden in1587 werd de haven een militaire vlootbasis. Daaraan kwam een einde na de verovering van de stad door prins Maurits in 1604. Het Zwin werd afgesloten voor handel met de zuidelijke (Spaanse) Nederlanden, waardoor de havenfunctie grotendeels verviel. Ondertussen ging de verzanding gewoon door. In de 19e eeuw was de haven zo verzand dat hij in twee fasen werd ingepolderd. In 1861 werd de haven afgesloten van het Zwin.




Op de foto links boven zien we de kerktoren van Sint Anna ter Muiden.
We wandelen verder richting Retranchement.



Natuurgebied Vinkenist









Grenspaal 363.





Fort Berchem nabij Retranchement





Het fort dateert uit de laatste jaren van de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) en had dan ook een aantal voorgangers. De briljante Spaanse veldheer Alexander Farnese (vanaf 1586 hertog van Parma) sloot bij de inname van Sluis in 1587 het Zwin ten noorden van de stad af met een schipbrug, die aan weerszijden beschermd werd door forten. Zo’n schipbrug had hem bij de verovering van Antwerpen in 1585 ook al goede diensten bewezen. Het al in 1584 op de rechteroever gestichte Fort Terhofstede, Berchems ‘eerste fase’, spoelde bij een stormvloed in 1597 bijna helemaal weg.
Lakenvelders nabij Terhofstede.


Kleine boerderij uit 1897




We wandelen verder over de wallen van Retranchement.








De wallen zijn in 1604, in de Tachtigjarige Oorlog, gebouwd als verdedigingswerk. Het verdedigingsbolwerk van Retranchement (Frans voor verschansing of bolwerk) is gebouwd in opdracht van Prins Maurits. Het doel van de verdedigingslinie was om de Zwingeul te verdedigen tegen de Spanjaarden. Gedurende de Tachtigjarige Oorlog woonden er alleen soldaten. Later groeide het complex uit tot een gewoon dorp. In het gebied ligt ook het Fort Berchem, een veldschans die ook uit de Tachtigjarige Oorlog dateert.
Grenspaal 364 b



Bij Retranchement staan drie grenspalen in een kaarsrechte lijn. De palen dienen de Belgisch-Nederlandse grens te markeren. Maar waar loopt de grens dan precies en waarom zijn er drie palen nodig, terwijl men elders maar met één paal volstaat? Deze zogenaamde ‘drieling van Retranchement’ is een unicum in Nederland en vertelt een bijzonder verhaal. Voor nummer 364 zijn drie palen geplaatst. Oorspronkelijk lag de grens hier in het Zwin en kon geen exacte plaats van de grens worden aangegeven. Er werden twee grenspalen geplaatst: 364a aan de Belgische zijde en 364b aan de Nederlandse zijde.
Later, toen het gebied droog kwam te liggen, is alsnog een grenspaal geplaatst op de juiste locatie. Dit is grenspaal 364.
Al deze palen dragen allen het jaartal 1869: het jaar waarop de palen 364a en 364b werden geplaatst.


Fort Nassau




Retranchement maakt deel uit van de Staats-Spaanse Linies. De oude vestingwallen zijn er nog vrijwel geheel aanwezig. Ter beheersing van de Zwingeul, de vaarweg naar Sluis, werd begin zeventiende eeuw op het eiland van Cadzand een schans opgeworpen: Retranchement Cadsandria. Retranchement betekent afsnijding: tweede wal waarachter men zich kan terugtrekken wanneer de eerste wal verloren is gegaan. Het vestingwerk bestond oorspronkelijk uit twee forten: Oranje, aangelegd in 1621, en Nassau, aangelegd in 1622. Fort Nassau werd aangelegd op de plek waar de Staatsen eerder al een redoute hadden gebouwd. Beide vierhoekige, van bolwerken voorziene forten waren door middel van twee parallelle wallen met elkaar verbonden. De wal aan de landzijde kreeg drie bastions. Voor de wal werd een gracht aangelegd. Bij de Vrede van Münster in 1648 was bepaald dat Retranchement als vestingwerk ontmanteld diende te worden. Pas in 1680 werd met deze werkzaamheden begonnen. De militaire gebouwen werden verkocht. De omwalling bleef echter uit oogpunt van beveiliging tegen het nabije zeewater liggen.







Protestantse kerk Retranchement





Vanaf 1604 werd de vesting Retranchement Cadsandria aangelegd en de soldaten werden in de gelegenheid gesteld om Hervormde diensten bij te wonen. Dit geschiedde aanvankelijk in een houten kerkje en de diensten werden verzorgd door predikanten uit de omgeving, totdat in 1623 een vaste predikant werd aangesteld. Het houten kerkje bleek echter te klein en men wilde een meer definitief gebouw, waarvoor aanvankelijk echter de financiën ontbraken. Pas in 1653 begon men met de bouw en in 1654 werd de huidige kerk in gebruik genomen, aanvankelijk als garnizoenskerk, later dorpskerk voor het zich ontwikkelende dorp.


d’Ouwe Schoole




Voormalige gemeenteschool (1884) voor lager onderwijs (bewaarschool). De school bood plek aan zo’n 70 leerlingen. De lokalen aan de oostzijde waren voor de hogere klassen, de lokalen aan de westzijde voor de lagere klassen.




Molen Retranchement (wordt gerestaureerd)


De molen in Retranchement is een koren- en pelmolen uit 1818. Het is een van de oudste standerdmolens van Nederland en een van de vier die nog in Zeeland staan. Daarnaast is hij in Zeeland de enige staakmolen met een pelinstallatie voor gerst. Al vanaf 1643 staat op deze plaats een molen. De huidige molen werd in 1818 herbouwd nadat hij was omgewaaid.
We wandelen weer verder over de wallen richting Cadzand.








Het Zwin



Het Zwin is een slufter: een strandvlakte achter de duinen die in open verbinding staat met de zee. Direct achter de geulmonding ligt zandstrand, meer naar binnen liggen duinen en schorren.
Grenspaal 368





In 1869 hebben Nederland en België een aanvullende overeenkomst gesloten omtrent de grensafscheiding van het Zwin. Door de steeds toenemende verzanding was het midden van de waterweg, de oorspronkelijke grens, niet goed meer zichtbaar. Hierdoor werden er dit jaar een aantal grenspalen verplaatst en werden vier nieuwe grenspalen toegevoegd met de nummers 366, 367, 368 en 369.
Grenspaal 369



Het eindpunt van de Belgisch-Nederlandse grens. Door de getijden en hevige storm is de betreffende grenspaal in het verleden vaak verschoven of geheel verdwenen. Het Zwin, een strandgeul, die bij eb gemakkelijk te doorwaden is – niet meer dan enkeldiep – vormt de grens tussen Nederland (Cadzand) en België. Het sluftergebied is Belgisch grondgebied. Onlangs is besloten deze grenspaal een definitieve plek te geven. De paal staat echter niet op de officiële grens, maar net buiten het Zwin op vaste grond.
We wandelen verder richting Cadzand.







Dijkpalen




Tijdens de wandeling over duinen valt het op dat er dijkpalen staan met een oud nummer en nieuwe nummering. Dijkpalen: een dijkpaal is een markant punt op de waterkering dat geldt als referentiepunt voor afstandsaanduidingen. De code op een dijkpaal geeft aan welke plek op de dijk het precies betreft. Dat is belangrijk, bijvoorbeeld om aan te geven waar precies het onderhoud aan een stuk dijk moet plaatsvinden.
Kievittepolder

De Kievittepolder is eigenlijk geen polder. Het betreft een stuk schor dat is ontstaan toen een klein deel van de Oudelandse Polder verdronken is en niet meer werd heringedijkt. Langs natuurlijke weg vormde zich vervolgens een smalle duinenrij, waardoor het gebiedje afgesloten werd van de zee.


Het strand van Cadzand-Bad is een heel toegankelijke fossielenvindplaats. De fossielen komen uit diverse lagen voor de kust die geërodeerd worden door de zeestromingen. Schelpen, haaientanden en roggentanden komen het meeste voor. Ook kunnen tanden worden gevonden van vissen en potvissen en zelfs diverse botten van zoogdieren.






De “Walk of Freedom” in Cadzand-Bad zet het motto van de “Wereldvredesvlam” in Cadzand-Dorp voort: Ter nagedachtenis aan beroemdheden en politici die de “Four Freedoms Award” hebben ontvangen, zijn stalen borden met hun gegraveerde namen ingebed in de vloer en de zijwand.
Cadzand








Strand


en duinen en campings






Radartoren Zwarte Polder


De Schelderadarketen (SRK) is een Vlaams-Nederlandse instantie en keten van radarposten in het Schelde-gebied in Nederland en Vlaanderen. De Schelderadarketen bestrijkt op de Noordzee het gebied langs de kust van de Belgisch-Franse grens tot het ankergebied Steenbank en stroomopwaarts over de Westerschelde tot aan de Kallosluis in Antwerpen. Hiermee wordt het scheepvaartverkeer begeleid met de bestemmingen zeehaven van Brugge, havens van Vlissingen, havens van Terneuzen, haven van Gent en de haven van Antwerpen.
Delta monument

Dit monument aan de monding van de Westerschelde stelt de Griekse letter Delta voor, symbool van de strijd tussen land en zee.
Verdronken Zwarte Polder.



De verdronken Zwarte Polder bestaat uit twee delen. Nadat de polder is ondergelopen in 1802 is een deel herdijkt: dat is nu de Herdijkte Zwarte Polder.


















Het gebied is letterlijk een verdronken polder. In 1623 was de Zwarte Polder aangelegd. Deze polder overstroomde in 1802. Hier heeft het gebied de naam: Verdronken Zwarte Polder aan te danken. De schorren zijn ontstaan door in- en uitstromende zeewater. Dit heeft gezorgd voor geulen in de voormalige akkers en er werd klei en slib afgezet. Hier is een schor ontstaan. De wind zorgde ervoor dat de restanten van de dijk overstoven werden door zand. Zo zijn de duinen aan de zeezijde ontstaan. Via de slufter, de opening in de duinenrij, komt de zee nog steeds het gebied binnen. Vele kubieke meters zand stromen het gebied in. Het schor hoogt hierdoor in snel tempo op. Dit zorgt ervoor dat het gebied nog zelden volledig overstroomt.


We wandelen vanaf hier nog een kort deel verder door de duinen nabij Nieuwvliet, ook wel Sinte Pier genoemd. We zijn hier aan het einde gekomen van deze wandeling.



Sluis – Nieuwvliet-Bad. Een wandeling van 21 km.

