Westerscheldepad, etappe – 4

Wandelen door de Noordelijke Braakman naar Terneuzen. We beginnen deze wandeling met veel dreigende luchten en regen op de grens van West Zeeuws-Vlaanderen. De voormalige zeearm is de afgelopen decennia succesvol heringericht tot een natuurgebied van ruim 140 hectare. Het gebied bestaat uit moerassen, open water en aangeplant bos.

Dubbelkelk en Avondkoekkoeksbloem

Atalanta en Gehakkelde Aurelia

Volgens de website Flora van Nederland: Hondskruid, Anacamptis pyramidalis (L.) Rich. uit de Orchidaceae, is een behoorlijk zeldzame soort, die heel specifieke eisen stelt aan de bodem.

De Braakman bestond al in de 13e eeuw. Tijdens de stormvloed in de winter van 1375/76 werd een groot gat geslagen in de kust ten oosten van Biervliet, waarbij een aantal plaatsen in zee verdween, zoals Boterzande en Wevelswale. De toen ontstane watervlakte werd Zuidzee genoemd. Naderhand kwam de naam Dullaert in zwang en nog later de naam Braakman. Latere vloeden zorgden ervoor dat in de Braakman herdijkte gebieden opnieuw overstroomden. Door de stormvloed in 1570 kreeg de Braakman verbinding met het Zwin, waardoor het water een natuurlijke haven vormde voor Axel (via het Axelsche Gat) en Sas van Gent (Via het Sassche
Gat). Waarschijnlijk had de Braakman rond deze tijd zijn grootste omvang. Tot 1826 vormde de geul ook een vaarweg naar Gent, daarna was het Kanaal Terneuzen-Gent gereed. Door inpoldering vanuit versterkte plaatsen zoals Philippine en Terneuzen ontstonden veranderingen in het mondingsgebied en splitste de hoofdgeul zich in een west- en oostgeul. Uiteindelijk werd de
Braakman afgedamd in 1952, waardoor Oost en West Zeeuwsch-Vlaanderen weer met elkaar verbonden waren.

Volgens de website Flora van Nederland:  Moeraswespenorchis of Epipactis palustris (L.) Crantz is een vrij zeldzame inheemse, overblijvende, plant die in allerlei natte duingebieden en blauwgraslanden voorkomt. 

We verlaten de Braakman en wandelen verder langs de industrie op de zogenaamde Mosselbanken richting Terneuzen.

Na de afsluiting van de Braakman in 1952 lag vóór de kust nog een schorrengebied, De Mosselbanken genaamd. Het was een belangrijk gebied voor watervogels en een van de weinige overgebleven schorren.

Gele Morgenster

Op de foto links een Muralt muur. Ir. De Muralt was van 1903 tot 1913 hoofd van de Technische Dienst van het Waterschap Schouwen. Hij was de eerste die dijken op Schouwen verhoogde met betonnen elementen, het “systeem de Muralt”. Het merendeel van deze Muraltmuren, vanaf 1906 geplaatst op zo’n 120 km van de Zeeuwse zeedijken, is thans verdwenen. In Zeeuws-Vlaanderen is een aantal geplaatst tussen 1912 en 1933 bij Groede en Baanst, Groot en Klein
Baarzande, Stoppeldijk, de polders van Ossenisse, Kruispolder en Lovenpolder. Alleen de muur van de Lovenpolder bes woonhuis uit de tweede helft van de 19de eeuw staat nog. Hier werd de verhoging geplaatst op de voormalige zeedijk in 1933, het laatste jaar waarin dit systeem werd toegepast. Bij de afsluiting van de Braakman in 1952 heeft de dijk de functie als zeewering verloren. Rechts een woonhuis uit de tweede helft van de 19de eeuw.

De Achterste kreek. Deze kreek ligt in de Lovenpolder (ingedijkt 1543) 

Eén van de laatste woningen van het verdwenen dorp Boerengat

De woningen van het dorp Boerengat moesten worden gesloopt om ruimte te maken voor het industriegebied van onder andere de Braakmanhaven.

De weg naar de Weaterscheldetunnel.

Kopje van Kanada.

MUD paal 74

In 1949 ontstond de Mijnenuitkijkdienst (MUD). De opbouw van deze organisatie aan de Westerschelde had de hoogste urgentie. In een later stadium zouden deze ook aan de Nieuwe Waterweg, Noordzee Kanaal en de toegang van Den Helder worden opgezet. Een ontworpen betonnen paal werd in productie genomen waarvan er een kleine honderd op dijken en duinen langs de Westerschelde werden geplaatst. In de volksmond MUD palen genoemd maar officieel droegen ze de benaming Pelorusstand. Een pelorus is een eenvoudig nautisch richtmiddel. Door kruispeilingen kon men de afstand bepalen. De gewapend betonnen vierkanten palen hebben een betonvoet die ter stabilisatie ingegraven diende te worden. De bovenste dertig centimeter van de paal is rond en hier is ook een stalen ring aangebracht. Met klemschroeven kon hier de pelorus op geplaatst worden. Deze posten langs de wal werden waluitkijkposten genoemd afgekort als WUP. Tussen Terneuzen en de Belgische grens waren 15 uitkijkposten op schepen voorgenomen om de bewaking te optimaliseren. Deze kregen de naam scheepsuitkijkposten, afgekort tot SUP. Mocht worden waargenomen dat Russische bommenwerpers zeemijnen in de Westerschelde wierpen werden posities van de inslagen op het water oppervlak vastgesteld door de mijnenuitkijkposten en doorgegeven aan het hoofdkwartier. Deze alarmeerde de marine waarop vanuit Vlissingen mijnenvegers uitvoeren om deze gevaarlijke obstakels te elimineren.

Sluizencomplex Terneuzen.

De Noordzeesluizen zijn een sluizencomplex bij Terneuzen dat bestaat uit drie sluizen: de Oostsluis, de Westsluis en de Nieuwe Sluis.

Oostsluis De Oostsluis, geopend in 1968, wordt gebruikt door binnenvaart en recreatievaart. De sluis is 280 m lang, 24 m breed en 6,5 m diep.

Westsluis De Westsluis is geschikt voor zeeschepen en binnenvaartschepen die het kanaal in- en uitvaren. Deze sluis werd in de jaren zestig gebouwd om grotere schepen toegang te geven tot het kanaal en de haven van Gent. De sluis is 290 m lang, 40 m breed en 13,5 m diep.

Nieuwe Sluis De Nieuwe Sluis, geopend in 2024, is de grootste en modernste sluis van het complex. De sluis is 427 m lang, 55 m breed en 16,4 m diep. Daarmee behoort de Nieuwe Sluis tot de grootste sluizen ter wereld. 

Tweede Wereldoorlog Monument

Eén van de Tweede Wereldoorlog-monumenten in Terneuzen staat aan het Herdenkingsplein (Buitenhaven). Het herdenkt de vijf medewerkers van Rijkswaterstaat die op 5 september 1944 (Dolle Dinsdag) werden gefusilleerd door de bezetter nadat zij probeerden de Westsluis te redden van explosieven

Kunst langs de Schelde

Terneuzen

Voormalig postkantoor

Post- en telegraafkantoor, in 1900 naar ontwerp van de rijksbouwmeester gebouwd in een sobere overgangsarchitectuur. 

Voormalige Artillerie Kazerne

Het complex werd gebouwd in 1839 en opgeleverd in 1840 om dienst te doen als militair onderkomen en verdedigingswerk (als onderdeel van de vestingwerken van Terneuzen). Het pand is ontworpen als ‘bomvrij arsenaal’. Het heeft extreem dikke muren en een dak dat is afgedekt met een flinke laag zand en grind om projectielen tegen te houden.

Voormalig bankgebouw van de Amsterdam-Rotterdam bank 

Opdrachtgever voor dit pand in het centrum van Terneuzen was de Nationale Bankvereeniging te Utrecht, waarvoor architect Mertens in de periode 1917-1922 optrad als huisarchitect. De bank was een dochter van de Rotterdamsche Bank Vereeniging. 

Voormalig klooster ‘Huize Nazareth’, klooster van de Franciscanessen van Mariadal

De communiteit van Terneuzen vestigde zich in 1923 in een huurhuis en belastte zich met een bewaar- en naaischool. In 1931 werden de zusters actief in het lager onderwijs. Rond 1932 werd op de plaats van de oude pastorie een nieuw klooster gebouwd

Willibrordustoren

In 1844 werd de Sint-Willibrordusparochie opgericht en in 1849 werd een eenvoudig driebeukig kerkje ingewijd met half ingebouwd torentje. Van 1844-1849 maakten de katholieken gebruik van een noodkerk. Deze kerk werd in 1914 vervangen door een veel grotere kerk . De kerk werd onttrokken aan de eredienst en in 1969 gesloopt. Reden was bodemverzakking ten gevolge van de aanleg van de zeesluizen. 

De rond 1922 pastorie.

Porgy en Bess

In 1944 marcheerde Frank Koulen, een Surinamer, Terneuzen binnen. Hij was muzikant bij de geallieerden en kende vanzelfsprekend de Amerikaanse amusementsmuziek. Hij bleef in Terneuzen hangen, trouwde er en begon in 1957 een lunchroom. Frank was een groot liefhebber van jazzmuziek, wat in 1969 leidde tot de oprichting van jazzclub Porgy en Bess. In de loop der jaren slaagde hij er in vele groten uit de jazzwereld in Porgy en Bess te laten optreden. 

Oud Terneuzen

De omgeving is gelegen rondom en bovenop de oude vestingwerken van Ter Nose welke in 1598 werden versterkt door de graaf van Hohenlo in opdracht van de Prins van Oranje. De eerste panden aan het Tuinpad werden er omstreeks 1800 gebouwd op de toen verouderde vestingwerken. Het Tuinpad ontleend zijn naam aan de volkstuinen die hier waren gelegen ten tijde van de oude vesting. Vanaf 1830 maakten deze volkstuinen plaats voor arbeiderswoningen aan de Vissteeg en aan het Tuinpad.

De Vliegende Hollander.

Dat De Vliegende Hollander met Terneuzen werd verbonden, danken we aan de Engelsman Frederick Marryat. Hij schreef in 1837 The Phantom Ship. Daarin maakte hij Terneuzen tot geboorte- en woonplaats van kapitein Willem van der Decken. Marryat was geen onbekende in het Zeeuwse. Hij had als militair deelgenomen aan de Engelse invasie op Walcheren in 1809 en was later met zijn dochter in Terneuzen komen wonen. 

Het is paaszondag. Ondanks het feit dat het een christelijke feestdag is en ondanks het slechte weer besluit kapitein Willem van der Decken met zijn schip uit te varen. Hij zet koers naar Oost-Indië. Wanneer het schip Kaap de Goede Hoop nadert, steekt er een storm op. De bemanning wil niet verder gaan. Van der Decken is woedend. Hij gooit de stuurman overboord terwijl hij uitroept: “God of de duivel, de Kaap vaar ik om, al moet ik varen tot het Laatste Oordeel.” De kapitein wordt onmiddellijk gestraft. Het schip moet eeuwig blijven rondvaren op zee. Andere schippers die Van der Deckens spookschip – De Vliegende Hollander genaamd – tegenkomen, ontmoeten daarna het noodlot. Ze lopen averij op, lijden schipbreuk, krijgen een ongeluk of gaan een wisse dood tegemoet. Soms stuurt de kapitein van het spookschip een sloep op andere schepen af. Dit bootje is gevuld met brieven geadresseerd aan personen die allang overleden zijn: een teken dat De Vliegende Hollander al eeuwen over de wereldzeeën doolt. Het spookschip De Vliegende Hollander deed als laatste haven Terneuzen aan. De kapitein – volgens het verhaal een geboren Terneuzenaar – verdoemde het schip door op paaszondag uit te varen. Het schip doolde daarna over de zeeën en bracht elk ander passerend schip ongeluk. 

  • Het marktplein in Terneuzen
  • Het voormalig kantongerecht. Het kantongerecht Terneuzen was van 1877 tot 2002 een van de kantongerechten in Nederland. Terneuzen was in 1877 de opvolger van het kantongerecht Axel, dat opgeheven werd. Na de opheffing van het kantongerecht als zelfstandig gerecht bleef Terneuzen zittingplaats voor de sector kanton van de rechtbank Middelburg. Als gevolg van de herziening van de gerechtelijke kaart in 2013 werd Terneuzen gesloten.
  • Pand uit 1926 werd oorspronkelijk gebouwd als kantoor voor Rederij Nolson en heeft door de jaren heen verschillende functies gehad, waaronder als accijnskantoor en politiebureau. Onder anderen de rijksrecherche hebben erin gezeten. De schippersbeurs heeft er gezeten, de plantkundige dienst. 

Voormalige veerhaven.

In 1781 werd een veerdienst opgericht van de stad Terneuzen naar Biervliet, Ellewoutsdijk, Baarland, Hoedekenskerke en het Land van Hulst. De provincie kocht in 1842 de stoomboot en gaf een concessie. Twaalf jaar lang werd zo de dienst als semi-overheidsbedrijf uitgevoerd. In 1854 verkocht de provincie de boot en zo werd de dienst weer particulier uitgevoerd. De uitvoering van deze dienst liet echter veel te wensen over. De concessie werd daarom ingetrokken en de veerdienst was weer in handen van de provincie. Enkele jaren nadat de provincie de veerdienst in exploitatie nam, werd in 1874 een nieuwe aanlegplaats in gebruik genomen. Door de toenemende scheepvaart kon deze aanlegplaats niet lang blijven bestaan, in 1896 werd een nieuwe aanlegplaats ontworpen. Deze aanlegplaats was 24 meter lang en 7 meter breed. In 1932 bestelde de provincie drie identieke zijladingveerboten die in 1933 op de kleine Westerscheldediensten en Oosterschelde zouden gaan varen. Deze veerboten konden circa 10 auto’s meenemen op het achterdek. Ten gevolge hiervan werden er bij de aanlegplaats in Terneuzen enkele werkzaamheden verricht. Tot 1972 was de Veerhaven in gebruik door de provinciale stoombootdienst met een regelmatige dienst tussen Terneuzen en Hoedekenskerke.

Stadhuis van de gemeente Terneuzen. De één vind het foeilelijk, de ander vind het een uniek gebouw.

Het stadhuis van Terneuzen is gebouwd tussen 1963 en 1972 naar een ontwerp van Jaap Bakema. Het wordt gezien als een van de hoogtepunten van het brutalisme in Nederland.

Wonen langs de Westerschelde.

We besluiten met nog een voormalig….

Aquadome Scheldorado in Terneuzen is een voormalig subtropisch zwemparadijs. Het complex is al sinds geruime tijd gesloten en inmiddels verpauperd (zoals zoveel in de binnenstad van Terneuzen).

Wandeling van 21,4 km van De Braakman naar Terneuzen.